Hoe religies u misleiden over UW ONGELOOFLIJKE TOEKOMST
DOOR DAVID C. PACK
De waarheid van het evangelie – God’s ontzagwekkende bedoeling met de mens – werd achtergehouden. Daarin wordt verklaard waarom u geboren bent. Het gaat om ongelooflijke kennis! U zult er versteld van staan. Deze verbazende kennis wordt nu openbaar gemaakt – samen met de doofpot bedoeld om ze te onderdrukken.
Miljarden mensen zijn nu misleid. Vroegere miljarden werden het ook. Zelfs u werd voorgelogen. Er heerste een algemene misleiding, en de religies van de wereld speelden daar een rol in. Kennis over uw ontzagwekkend potentieel – uw ongelooflijke toekomst – werd van u weggehouden!
Vele mensen stellen zich vragen en maken zich zorgen over het onbekende – en over wat hun toekomst inhoudt. Anderen vrezen dat zij zelfs niet eens een toekomst hebben. En nog anderen vrezen dat beschavingen geen toekomst hebben. U hoeft nooit meer onzeker te zijn over uw toekomst – of die van de mensheid.
Als de mensheid maar wist wat God in petto voor ze heeft! En toch heeft een opzettelijke onderdrukking van de waarheid deze kennis achtergehouden voor iedereen, behalve dan voor enkelen. U kunt een uitzondering zijn. U kunt een van de weinigen zijn die niet misleid zijn!
De wereld geloofde een vals evangelie, al 2.000 jaar. Men veronderstelde over het algemeen dat Jezus Christus het evangelie is in plaats van de Boodschapper ervan. De Boodschap – het kernpunt – van het evangelie is niet Christus. Door gefocused te zijn op Hem – de Boodschapper – slaagden religieuze misleiders er met succes in de Boodschap die Hij bracht te onderukken en te bedekken!
De vitale kennis van hoe de mens zijn problemen kan oplossen en hoe hij God’s Ultieme Doelstelling kan begrijpen, werden tegengehouden in de wereld die zo in duisternis verkeert. De mens weet niet wat hij is en kent ook niet zijn bestaansreden. Hij kent niet de weg van overvloed, vrede en al de goede dingen van het leven. Het evangelie zou de mensheid de oplossing hebben getoond van de meest onoplosbare problemen.
En desondanks stierven alle oorspronkelijke apostelen, behalve dan Johannes, de marteldood omdat zij de waarheid leerden over God’s ongelooflijke doelstelling. Jezus werd gekruisigd omdat de mensen Zijn Boodschap niet wilden horen!
Een juist begrip van het ware evangelie onthult cruciale kennis. Een begripsdimensie die wetenschappelijk onderzoek niet aan het licht kan brengen. De religies van de wereld hebben die onderdrukt. Hun theologen begrijpen die kennis niet, of niet willen die niet onderwijzen. We zullen zien dat zij de belangrijke sleutel achterhielden; de sleutel die het doel van uw bestaan ontsluit: UW ONGELOOFLIJKE TOEKOMST!
Hoe gebeurde dat? En wie zit er achter die onderdrukking van kennis?
De supermisleider
Voor wie er weinig van afweet is de Bijbel een boek met schokkende uitspraken. De Bijbel onthult verbijsterende waarheden, volslagen onbekend zelfs voor mensen die beweren dit boek te begrijpen. Maar er zijn weinig uitspraken méér verbazingwekkend dan die van Openbaring 12:9. Dit vers stelt uitdrukkelijk dat Satan de duivel – die echt bestaat! – “de HELE wereld misleidt”.
Als “de overste van de macht der lucht” (Ef. 2:2) heeft Satan de massa die er zich niet aan verwacht beïnvloed, geleid, beheerst en compleet misleid.
Dit is een absoluut verbijsterende openbaring – zelfs zo erg dat de meeste mensen die simpelweg negeren of verwerpen, in de overtuiging dat het niet waar kan zijn. Maar het staat in uw Bijbel. En de hele wereld blijft misleid over het feit dat ze misleid is!
De oorsprong van de duivel
Even een beetje geschiedenis. Waar kwam Satan vandaan? Hoe werd hij zoals hij is?
God schiep eerst drie aartsengelen: Lucifer (die Satan werd), Michaël en Gabriël. Ieder van hen regeerde over een derde van honderden miljoenen engelen (Openb. 5:11). Lucifer bestuurde met zijn derde de wereld van vóór Adam. Samen met zijn engelen rebelleerde hij tegen het bestuur van God. Talrijke Bijbelpassages handelen daarover.
Laten we lezen over Lucifer nadat hij Satan werd. Jesaja 14:12-15 vertelt ons een opmerkelijk verhaal. Daarin staan heel wat hints over waar Lucifer verbleef, wat hij deed en wat er met hem gebeurde. Lees die passage aandachtig, en let op de benadrukking van sleutelzinnen. “Hoe zijt gij uit de hemel gevallen, o morgenster, gij zoon van de dageraad! Hoe zijt gij ter aarde neergehouwen, gij, die de heidenen krenkte [In het Engels: did weaken the nations]! En zei in uw hart: Ik zal ten hemel opklimmen, ik zal mijn troon boven de sterren van God verhogen; en ik zal mij zetten op de berg der samenkomst aan de zijden van het noorden. Ik zal boven de hoogten der wolken klimmen, ik zal de Allerhoogste gelijk worden. Ja, in de hel [het “graf” – zie verzen 9 en 11] zult gij neergestoten worden, aan de zijden van de kuil!” (Leer hierover veel méér in ons boekje Who Is the Devil?).
Sinds zijn rebellie vóór de schepping van de mens heeft Satan “de naties erg verzwakt”, zowel qua inzicht als qua vitale kennis over God’s doelstelling. Zijn misleiding was compleet.
De god van deze wereld
De Bijbel noemt de duivel de “god van deze wereld” – nog een andere schokkende openbaring! Dit is wat 2 Korinthe 4:4 stelt: “In wie de god dezer eeuw [in het Engels: the god of this world] de zinnen verblind heeft, namelijk der ongelovigen, opdat hen niet bestrale de verlichting van het Evangelie der heerlijkheid...”.
Satan heeft, om een persoonlijke reden, de wereld blind gemaakt voor het ware evangelie. Dit evangelie beschrijft het weldra komende koninkrijk van God – God’s wereldbesturende regering. Vanzelfsprekend wil Satan de mensen verhinderen deze formidabele waarheid te begrijpen; hij wil niet dat “licht” straalt op God’s ongelooflijke bedoeling met de mensheid. Satan wil dat de mensheid, collectief en individueel, denkt geen toekomst te hebben! Eigenlijk beseft de duivel dat de komst van God’s koninkrijk betekent dat hij gaat verbannen worden uit zijn huidige positie (Openb. 20:2-3) van wereldwijde beïnvloeding als de god welke de mensheid zonder het te weten vereert. Het gaat hem niet langer toegelaten zijn de naties te misleiden of te verzwakken. Hij beseft eveneens dat hij nooit zal kunnen hebben wat God de mens aanbiedt.
In Johannes 12:31, 14:30 en 16:11 verwijst Christus naar Satan als “de overste van deze wereld”. Deze verzen stellen dat de duivel op een dag zal geoordeeld worden. Johannes 12:31 trekt de parallel van het oordeel van de wereld met het oordeel van Satan. Waarom? Omdat deze wereld de zijne is! Paulus’ geïnspireerde verklaring onthult dat hij letterlijk de “god” van de wereld is.
Dit is de duidelijke waarheid recht uit uw Bijbel! De menselijke beschaving, met haar culturen, levenswijzen en systemen, wordt beheerst door de duivel!
Denk even na. Als Satan de hele wereld heeft misleid, kan dit niet God’s wereld zijn. (Zie ook 1 Joh. 5:19). En vermits de hele wereld misleid is, is die afgesneden van God. Misleide mensen kennen hun bestaansreden niet, en leiden een leven dat die onwetendheid weerspiegelt (Jes. 59:1-2; Jer. 5:25).
We zouden ons kunnen afvragen: Hoe kan één enkel wezen meer dan zes miljard mensen misleiden? Daar zijn twee grote redenen.
Ten eerste, stelt Openbaring 12:9 dat “hij werd geworpen op de aarde, en zijn engelen met hem geworpen”. Merk op dat er staat: “zijn engelen”. Deze wezens die hij leidt, ook demonen (of gevallen engelen) genoemd, assisteren Satan in zijn rol als supermisleider. Vandaar dat Satan niet alleen werkt – hij heeft miljoenen misleide geesten die hem helpen.
Maar er is nog méér te begrijpen. Er is een tweede, al even belangrijke reden waarom Satan zo succesrijk is in het misleiden van zovele mensen – en in het verbergen van hun geweldig potentieel.
Satan heeft dienaars
Het christendom wordt vertegenwoordigd door honderden wedijverende, elkaar bestrijdende en van elkaar verschillende genootschappen en sekten. Het veronderstelde christendom verschijnt in alle denkbare “maten, smaken, kleuren en samenstelling” qua geloofspunten en gewoonten. De meeste mensen zijn ervan uitgegaan dat dit de natuurlijke gang van zaken is in de “christelijke” wereld – en dat dit de wijze moet zijn waarop God het wil.
Maar zij hebben het mis voor!
Laten we het anders stellen. Dit betekent dat er honderdduizenden en misschien wel miljoenen clerici zijn die de geloofspunten van deze caleidoscoop van uiteenlopende en tegenstrijdige merknamen van christelijkheid vertegenwoordigen en onderwijzen. De meeste mensen die deze verschillende kerken bezoeken moeten er daarom ook zijn van uitgegaan dat al dezen over het algemeen God’s dienaars moeten zijn – dat zij vertegenwoordigen en onderwijzen wat God onderwezen wil zien. Er kan geen gevaarlijker – of flagrant VERKEERD – uitgangspunt zijn!
En hier komt dan een nog schokkender uitspraak!
Als de god van een compleet misleide wereld, dus met inbegrip van al de verschillende vormen van het christendom en andere religies, heeft Satan zijn eigen agenten. Hij gebruikt deze agenten om zijn valse doctrines te verspreiden, zonder het te weten. Jawel, hij was in staat dit bijna universele succes te boeken omdat hij ZIJN EIGEN DIENAARS HEEFT! Natuurlijk worden zijn agenten – zijn dienaars – zelf ook misleid in hun geloof dat zij God’s dienaars zijn. Sommigen onderwijzen wel enkele aspecten van God’s waarheid, maar vrijwel niemand God’s belangrijkste waarheden!
Lees nu 2 Korinthe 11:13-15. De apostel Paulus waarschuwt voor de listigheid waarmee Satan’s dienaars succesvol misleiden: “Want zulke valse apostelen zijn bedrieglijke arbeiders, zich veranderende in apostelen van Christus. En het is geen wonder; want de satan zelf verandert zich in een engel des lichts. Zo is het dan niets groots, indien ook zijn dienaars zich veranderen, als waren zij dienaars der gerechtigheid; van wie het einde zal zijn naar hun werken”.
Dit is een verbijsterend recht-voor-de-raap Schriftgedeelte. Toch is het waar dat Satan’s dienaars voorkomen alsof zij dienaars van God zijn. Snap dit! Satan spreekt niet rechtstreeks tot mensen. Hij werkt via zijn knechten – zijn dienaars!
En hier is de ergste misleiding van deze valse dienaars. De duivel gebruikt hen als werktuigen voor de verspreiding van een vals evangelie over de Persoon van Jezus Christus – in plaats van Zijn Boodschap over het Koninkrijk van God, de boodschap die Christus bracht. De meest vitale waarheid die de dienaars, theologen en religieuzen van deze wereld negeren is het ongelooflijke potentieel dat ieder mens in zich draagt.
De volgende verzen beschrijven verder de werken van valse dienaars. Ze onthullen het voortdurende gevaar van Satan’s dienaars die erop uit zijn te infiltreren in de ware Kerk van God om ware dienstknechten van God een tweede maal te verblinden inzake de wondermooie waarheid van het evangelie, en hen terug te voeren naar de duisternis. Noteer: “Doch ik vrees, dat enigszins gelijk de slang Eva door haar arglistigheid bedrogen heeft, alzo uw [de broeders van Korinthe] zinnen bedorven worden, om af te wijken van de eenvoudige waarheid die in Christus is. Want indien hij die komt [het gaat hier over valse predikers] een andere Jezus predikt…of gij een andere geest ontvingt…of een ander Evangelie dat gij niet hebt aangenomen…” (11:3-4).
Paulus waarschuwde voor “een andere” geest die zelfs in de ware Kerk zou binnendringen. Deze andere geest verdierf zowel de waarheid over het evangelie als over de ware Christus van de Bijbel. Historisch gezien dook het huidige vervalste christendom praktisch onmiddellijk op na Christus’ dood en opstanding.
Vraag uzelf dan af: Als Christus het evangelie is, waarom “een andere Jezus” en “een ander evangelie” dan citeren als twee afzonderlijke doctrinaire fouten?
We komen hier later nog op terug.
Nieuw Testamentische waarschuwingen
Het Nieuw Testament bevat tal van waarschuwingen tegen verleiders, misleiders en charlatans die in de Kerk van God proberen binnen te dringen en volgelingen weg te trekken naar valse leerstellingen. De meeste apostelen waarschuwden in de ene of de andere zin vrijwel elke gemeente tegen dit gevaar. Het is ditzelfde valse christendom waar de meeste mensen in geboren zijn en hun leven in doorbrengen.
De apostel Petrus waarschuwde voor valse leraars “onder u (de Kerk)”. Noteer: “En er zijn ook valse profeten onder het volk geweest, gelijk onder u VALSE LERAARS zijn zullen, die verderfelijke ketterijen bedekt invoeren zullen, ook de Here Die hen gekocht heeft verloochenende, en een haastig verderf over zichzelf brengende. En VELEN zullen hun verderfenissen navolgen, door welke de weg der waarheid zal gelasterd worden. En zij zullen door gierigheid, met gemaakte woorden, koopwaar van u maken” (2 Petr. 2:1-3).
Dat is straffe taal. Precies zoals valse profeten het oude Israël teisterden, werd de Kerk door de eeuwen heen aangevallen door “valse leraars” die met “gemaakte woorden” “velen” verleiden om hen te volgen. Het doel was de mensen weg te trekken van “de weg der WAARHEID”.
De apostel Judas, Christus’ jongere broer, was ook rechtuit in zijn waarschuwing: “Geliefden, alzo ik alle naarstigheid doe om u te schrijven van de gemeenschappelijke zaligheid, zo heb ik noodzaak gehad aan u te schrijven en u te vermanen, dat gij strijdt voor het geloof dat eenmaal de heiligen overgeleverd is. Want er zijn sommige mensen INGESLOPEN die eertijds tot ditzelfde oordeel tevoren opgeschreven zijn, goddelozen die de genade van onze God veranderen in ontuchtigheid [vergunning om God’s Wet te overtreden]…” (verzen 3-4).
Deze krachtige aanklacht beschrijft mensen die “binnenslopen” en maakten dat sommigen niet langer streden voor “het geloof dat eenmaal overgeleverd werd”. Merk op dat bepaalde van deze bedriegers “tevoren opgeschreven” waren [in het Engels: before of old ordained]. Juist omdat zij goddeloos waren, leerden zij ook anderen God’s Wet te overtreden. We gaan even Handelingen 8 onderzoeken om beter te begrijpen waar die mensen vandaan kwamen. Hun systeem en doctrines zijn allesbehalve nieuw.
Johannes registreerde praktisch een heel hoofdstuk van Christus’ eigen waarschuwende woorden. Christus windt er geen doekjes om bij de beschrijving van de ware aard van valse leiders en leraars. Hier volgen uittreksels uit dat hoofdstuk. “Die niet ingaat door de deur in de stal der schapen [de Kerk]…die is een DIEF en MOORDENAAR…de herder [Christus en Zijn getrouwe dienaars] der schapen…zijn schapen volgen hem, aangezien zij zijn stem kennen. Maar een VREEMDE zullen zij geenszins volgen, maar zullen van hem vluchten: omdat zij de stem der VREEMDEN niet kennen…Jezus zei dan tot hen…Ik ben de Deur der schapen. Alle, zovelen als er voor Mij zijn gekomen, zijn DIEVEN en MOORDENAARS; maar de schapen hebben hen niet gehoord. Ik ben de Deur; indien iemand door Mij ingaat, die zal behouden worden; en hij zal ingaan en uitgaan en weide vinden. De DIEF komt niet dan opdat hij stele en slachte en verderve; Ik ben gekomen opdat zij het leven hebben, en overvloed hebben. Ik ben de goede Herder; de goede herder stelt zijn leven voor de schapen. Maar de HUURLING…ziet de WOLF komen…en vlucht; en de WOLF grijpt ze, en verstrooit de schapen. En de HUURLING vlucht, omdat hij een HUURLING is en geen zorg heeft voor de schapen” (10:1-13).
Neem de tijd om het hele hoofdstuk te lezen. Let op het herhaalde gebruik van de termen “wolf”, “vreemde”, “dief”, “moordenaar” en “huurling” – die laatste zijn zij die de kudde verwaarlozen en zelfbelang nastreven. Wanneer vijanden in de loop van de Kerkgeschiedenis God’s volk bedreigden, verlieten de meeste dienaars inderdaad de kudde, waarbij vele schapen inderdaad misleid werden, en losgeslagen van God’s Kerk en waarheid.
Paulus waarschuwde niet alleen de Korinthiërs, maar ook meerdere andere gemeenten. Hier is wat hij de Galaten zei nadat zij waren afgegleden in valse doctrines. “Gij liep wèl; wie heeft u verhinderd de WAARHEID gehoorzaam te zijn? Dit gevoelen is niet uit Hem Die u roept. Een weinig zuurdesem verzuurt het gehele deeg” (5:7-9).
De Galaten waren het spoor bijster. Zij begrepen niet dat een beetje valse doctrine (“zuurdesem”) zich uiteindelijk uitspreidt (zoals zuurdesem in brood) in het “gehele deeg” van God’s talrijke waarheden. We zullen zien dat deze Galaten hun inzicht in het evangelie verloren.
De verborgenheid der ongerechtigheid
Ga nu naar Paulus’ waarschuwing aan de Tessalonicenzen, waarbij hij sprak over een “verborgenheid der ongerechtigheid” die al aan het werk was in de eerste eeuw van de Kerk. De context hier (vers 3) beschrijft gebeurtenissen die onmiddellijk voorafgaan aan Christus’ Tweede Komst. Eerst moet er een “afval” komen en een onthulling van de “mens der zonde, de zoon des verderfs” vóór Christus’ Tweede Komst. Hij schreef: “Want de verborgenheid der ongerechtigheid wordt reeds gewerkt” (2 Tess. 2:7). Paulus begreep dat er “reeds” bepaalde gebeurtenissen aan de gang waren in de toenmalige Kerk, zoals ook – opnieuw – in de eindtijd.
Het boek Handelingen beschrijft gebeurtenissen in Samaria en brengt meer feiten om in overweging te nemen. “En er werd te dien dage een grote vervolging tegen de gemeente die te Jeruzalem was; en zij werden allen verstrooid door de landen van Judea en Samaria, behalve de apostelen…Zij dan nu, die verstrooid waren, gingen het land door en verkondigden het Woord. En Filippus kwam af in de stad van Samaria, en predikte hun Christus…En er werd een grote blijdschap in die stad”.
Toen de duidelijke waarheid van God’s Woord gepredikt werd aan hen wier verstand werd geopend, bracht dat “grote blijdschap” teweeg (8:1, 4-5, 8).
Later verwijzen meerdere verzen naar Simon de Tovenaar – vaak Simon Magus genoemd door verscheidene kerkhistorici. Hij had een geweldige invloed in de overwegend heidense streek van Samaria. Die man maakte deel uit van het verborgen systeem waar Paulus de Tessalonicenzen voor waarschuwde (zie ook Openb. 17:5 en verdere uitleg in dit boekje). Ditzelfde machtige systeem, oorspronkelijk geleid door Simon, heeft voortdurend geprobeerd de ware Kerk te infiltreren.
Merk nu op: “En een zeker man, met name SIMON, was tevoren in de stad plegende toverij, en verrukkende de zinnen van het volk van Samaria, zeggende van zichzelf dat hij wat groots was. Die zij allen aanhingen, van de kleine tot de grote, zeggende: Deze is de grote kracht van God. En zij hingen hem aan omdat hij een lange tijd met toverijen hun zinnen verrukt had” (verzen 9-11).
De Bijbel verklaart welk “woord” Filippus aan het prediken was: “Maar toen zij Filippus geloofden, die het Evangelie van het KONINKRIJK VAN GOD en van de Naam van Jezus Christus verkondigde, werden zij gedoopt, beiden, mannen en vrouwen” (vers 12). Noteer dat zij in Samaria werden gedoopt nadat zij deze boodschap – het koninkrijk van God – “geloofden”, niet een of ander idee. Vanzelfsprekend moesten zij ook Christus’ rol als Redder begrijpen.
Hier is wat Paulus schreef aan de Efeziërs. Deze passage beschrijft diverse ambten die Christus instelde binnen de Nieuw Testamentische ministry. Daarin wordt uitgelegd dat de bedoeling erin bestaat de broeders van God’s Kerk op te bouwen, te verenigen en te vervolmaken. Noteer: “En Hij heeft gegeven sommigen tot APOSTELEN, en sommigen tot PROFETEN, en sommigen tot EVANGELISTEN, en sommigen tot HERDERS en LERAREN; Tot de volmaking der heiligen, tot het werk der bediening, tot opbouwing van het Lichaam van Christus. Totdat wij allen zullen komen tot de eenheid van het geloof en der kennis van de Zoon van God, tot een volkomen man, tot de maat der grootte der volheid van Christus. Opdat wij niet meer kinderen zouden zijn die als de vloed bewogen en omgevoerd worden met alle wind der leer, door de bedriegerij der mensen, door arglistigheid, om listig tot dwaling te brengen. Maar de WAARHEID betrachtende in liefde, alleszins zouden opwassen in Hem die het Hoofd is, namelijk Christus” (4:11-15).
Dit is alweer een krachtige en instructieve reeks waarschuwingen aan God’s volk. Christus beoogde dat Zijn schapen zouden luisteren naar ware dienaars en de valse “wind van leer” zouden herkennen, hoe “arglistig” en “misleidend” die ook verpakt is.
Tegen het einde van Paulus’ dienaarschap, vlak voor het proces om zijn leven begon, ontmoette hij alle vergaderde oudsten in Efeze. Het was een emotionele samenkomst, omdat hij wist dat hij hen niet meer zou weerzien. Hij nam de tijd om hen te herinneren aan hun verantwoordelijkheid en aan wat hij hen herhaaldelijk geïnstrueerd had over een periode van drie jaar! De verantwoordelijkheid die Paulus beschreef blijft gelden voor God’s ware ministry vandaag.
Lees aandachtig hoe Paulus het belang beklemtoont het koninkrijk van God te hebben gepredikt. “En nu ziet, ik weet dat gij allen, waar ik doorgegaan ben, predikende het KONINKRIJK VAN GOD, mijn aangezicht niet meer zien zult…Zo hebt dan acht op uzelf en op de gehele kudde…om de gemeente van God te weiden…Want dit weet ik, dat na mijn vertrek ZWARE WOLVEN tot u inkomen zullen die de kudde niet zullen sparen. En uit uzelf zullen mannen opstaan, sprekende verkeerde dingen, om de discipelen af te trekken achter zich aan. Daarom waakt, en gedenkt dat ik drie jaar lang, nacht en dag, niet opgehouden heb een ieder met tranen te vermanen. (Hand. 20:25, 28-31).
Waar Paulus voor gewaarschuwd had, gebeurde. Ketters drongen niet alleen binnen in de Efeze gemeente, maar ook in de meeste andere gemeenten van God’s Kerk, en perverteerden die met valse inzichten en praktijken. Kerkhistorici bestempelen de periode van midden eerste eeuw tot het midden van de tweede eeuw algemeen als de “verloren eeuw”.
Tijdens deze periode veranderde de zichtbare Kerk radicaal van voorkomen, en werd zo goed als onherkenbaar. Ware gelovigen, die in de kleine minderheid verkeerden, werden gedwongen de zichtbare meerderheid te ontvluchten – die meerderheid die de dwaling was ingetrokken. De kennis van God’s ontzagwekkende doel voor het menselijk bestaan ging verloren voor de overweldigende meerderheid van hen die weggeveegd werden in een vals behoud.
Al van in de eerste eeuw, toen Christus Zijn Kerk oprichtte, heeft die altijd moeten vechten voor de waarheid. God’s mensen hebben altijd moeten oppassen – uiterst waakzaam zijn – voor de gevaren van valse dienaars die onder hen komen en bepaalde of alle doctrines van God perverteren. En deze bedriegers hebben altijd een vals evangelie onderwezen. Herinner u hoe Paulus de Korinthiërs waarschuwde dat zij “bedrogen” werden om “een ander evangelie” aan te nemen (2 Kor. 11:4). (Ons boek The History of the True Church – Where Is It Today? behandelt dit fascinerende onderwerp in detail).
Het evangelie – één waar, vele vals
De belangrijkste enkelvoudige doctrine in de Bijbel is de kennis van het ware evangelie. Er is maar één juist evangelie. Alle andere zijn verdraaiingen ontworpen door Satan om de ongelooflijke waarheid van de inhoudelijke Boodschap te vervangen. Het is dit geweldige inzicht dat Satan’s dienaars altijd in eerste instantie blijken te perverteren.
Bij het begin van Zijn dienaarschap onderwees Christus: “Bekeer u, en geloof het EVANGELIE” (Mark. 1:15). Maar wat is het ware evangelie? Is er meer dan één dat God goedkeurt? De antwoorden op deze en andere vragen over het evangelie staan in de Bijbel – en ze zijn voor u absoluut VITAAL om te begrijpen. Maar de antwoorden bleven verborgen voor de grote meerderheid.
Elk jaar worden er in Amerika duizenden nieuwe boeken over religie gepubliceerd! En er bestaan in Amerika ook nog meer dan tweeduizend afzonderlijke genootschappen en sekten! Toch was er nooit meer verwarring en onenigheid tussen de belijdende Christenen, of in de wereld als geheel, over de ware antwoorden inzake de belangrijkste levensproblemen. WAAROM? Waarom is er zoveel kennis voorhanden terwijl er tegelijkertijd zoveel onwetendheid van de waarheid over de GROTE levensvragen bestaat? De antwoorden op deze vragen hebben alles te maken met het EVANGELIE!
De grote meerderheid werd onderwezen – en gelooft ook – dat het evangelie gaat over de Persoon van Jezus Christus. Vanzelfsprekend is Christus’ rol een uiterst belangrijk onderwerp, maar Hij is niet het evangelie. De Bijbel toont dat Christus werd gepredikt in samenhang met het evangelie. Nogmaals, Zijn rol is vitaal voor het christendom en moet begrepen worden, maar Hij is niet het evangelie!
Sommigen prediken een “evangelie van behoud” of een “evangelie van genade”. Anderen geloven een “evangelie van mirakels” of een “sociaal evangelie” of een “evangelie van voedsel” of “genezing” of “geloof”. Nog anderen denken aan “gospel music” wanneer zij het woord “gospel” horen. Het zijn allemaal door de mens gevormde ideeën die de waarheid van de Bijbel negeren!
Keren we nu terug naar Markus 1, en kijken we naar vers 14: “En nadat Johannes overgeleverd was, kwam Jezus in Galilea, predikende het Evangelie van het KONINKRIJK VAN GOD”. Dit is het evangelie dat Jezus predikte. En het is in dezelfde context dat Hij zei: “Bekeer u, en GELOOF HET EVANGELIE”. Nogmaals, welk evangelie? Het evangelie van het “koninkrijk van God”. Vers 1 verwijst naar deze boodschap wanneer er staat “Het begin van het Evangelie van Jezus Christus”. Christus’ evangelie ging over het KONINKRIJK VAN GOD – niet over iets anders! Dat evangelie moet u geloven, geen vervalsing of namaak. De wereld kent dit evangelie gewoonweg niet!
Weinigen begrijpen het. Waarom? Waarom zijn er maar zo weinig mensen die de ontzagwekkende toekomst van de christelijke roeping snappen? Paulus werd geïnspireerd om het uit te leggen: “Maar gelijk geschreven is: Hetgeen het oog niet heeft gezien en het oor niet heeft gehoord, en in het hart des mensen niet is opgeklommen, hetgeen God bereid heeft voor hen die Hem liefhebben. Maar God heeft het ons geopenbaard door Zijn Geest; want de Geest onderzoekt alle dingen, ook de diepten van God” (1 Kor. 2:9-10). Als God ons verstand niet zou openen, zou het onmogelijk zijn ook maar iets van de dingen van God te begrijpen. Het is zelfs onmogelijk om tot God te komen (Joh. 6:44, 65). Daar staat nogal letterlijk dat God’s doel nooit opkwam in het denken van de mens!
God heeft, voor Zijn eigen wonderbaarlijke bedoeling in deze tijd, de waarheid van het evangelie geopend voor heel weinig mensen – en hen in Zijn Kerk geplaatst. De rest van de wereld blijft verblind. Begrijp dit! De duivel wil niet dat mensen genieten van wat voor hem eeuwig afgesloten is – lidmaatschap in God’s Familie.
De meeste mensen zullen niet wakker worden uit het bedrog – de massamisleiding – van een verleid christendom dat de duidelijke waarheden van de Bijbel negeert! God’s plan voor de mensheid is adembenemend grandioos – onvergelijkelijk met alles wat mensen hebben uitgedacht ter vervanging. De wereld negeert de klare en duidelijke passages over het koninkrijk van God, passages die doorheen het hele Woord van God worden aangetroffen. Dit boekje verklaart de verbazende waarheid die zovelen negeren – en onthult wat uw toekomst kan worden!
Ernstige waarschuwing niet te verdraaien
Dit onderwerp is zo belangrijk dat God Paulus inspireerde een waarschuwing te geven aan de Galaten vroeger en aan ons nu: “Ik verwonder mij dat gij zo haastig afwijkende van hem die u in de genade van Christus geroepen heeft, overgebracht wordt tot een ANDER EVANGELIE; Daar er geen ander is; maar er zijn sommigen die u beroeren, en het evangelie van Christus willen verdraaien. Doch al ware het ook dat wij of een engel uit de hemel u een EVANGELIE verkondigde buiten hetgeen gij ontvangen hebt, die zij vervloekt. Gelijk wij tevoren gezegd hebben, zo zeg ik nu weer: Indien u iemand een EVANGELIE verkondigt buiten hetgeen gij ontvangen hebt, die zij vervloekt” (1:6-9).
Dit is een heel straffe uitspraak! Even later benadrukt Paulus zijn hoop dat de “waarheid van het EVANGELIE bij u zou blijven” (2:5). Zo is er maar één waar evangelie – en alle andere zijn vals. Nu kunt u Paulus’ waarschuwing van Galaten 5:7-9, waar eerder naar werd verwezen, beter verstaan.
Hoewel sommigen beweerden dat Paulus een verschillend of bijkomend evangelie onderwees, is het nu duidelijk dat hij dit nooit deed. Ironisch genoeg gebruikte God juist Paulus om te waarschuwingen tegen het ooit toelaten van een dergelijke valse lering door een vloek uit te spreken over een mens, een engel of zelfs een apostel (“Doch al ware het ook dat wij [apostelen]…een Evangelie verkondigen buiten…”) die ervoor koos dit gebod te overtreden (1:8).
Wat een straf Schriftgedeelte – en straffe WAARSCHUWING!
Paulus legde uit dat God de apostelen had toevertrouwd het ware evangelie te bewaren. Noteer 1 Tessalonicenzen 2:4: “Maar gelijk wij van God beproefd zijn geweest, dat ons het Evangelie zou toevertrouwd worden, alzo spreken wij niet als mensen behagende, maar God Die onze harten beproeft”. Dat is een verantwoordelijkheid die niet lichtzinnig mag worden opgevat. Ware dienaars moeten altijd leren wat God gebiedt, niet wat mensen behaagt (inclusief Bijbel ‘geleerden’). En daarom is elke bewering dat Paulus een verschillend of een tweede evangelie onderwees (gewoonlijk een over Christus of een evangelie van “vrede”) onmogelijk. Dan zou hij letterlijk een vloek over zichzelf hebben uitgesproken!
Van Jezus werd geprofeteerd het evangelie te brengen
Jezus kwam als een nieuwsbrenger die iets kwam aankondigen. Overal waar Hij kwam, bracht Hij dezelfde mededeling over een toekomstig wereldregerende SUPERBESTUUR om op te richten bij Zijn Terugkeer.
Toen Hij sprak tot een groep toehoorders in de woestijn, verklaarde Hij Zijn doel – Zijn verantwoordelijkheid. Merk op hoe Hij Zijn opdracht uitlegde. “Maar Hij zei tot hen: Ik moet ook andere steden het Evangelie van het KONINKRIJK VAN GOD verkondigen; want daartoe ben Ik uitgezonden” (Luk. 4:43).
Matheüs versterkte dit: “En Jezus ging geheel Galilea rond, lerende in hun synagogen en predikende het EVANGELIE VAN HET KONINKRIJK, en genezende alle ziekte en alle kwaal onder het volk” (Math. 4:23). Christus’ werk bestond erin de boodschap van God’s koninkrijk uit te dragen doorheen de steden van Israël. Hij was met die bedoeling “uitgezonden”.
In het Oud Testament werd van Jezus geprofeteerd dat Hij zou komen als een BOODSCHAPPER. Noteer Maleachi 3:1: “Ziet, Ik zend Mijn engel [boodschapper: Johannes de Doper] die voor Mijn aangezicht de weg bereiden zal; en haastig tot Zijn tempel komen die Here Die gij zoekt, te weten de ENGEL [BOODSCHAPPER: Christus] van het verbond, aan Wie gij lust hebt”. Christus was de “BOODSCHAPPER”, niet de boodschap. Zijn boodschap over God’s koninkrijk is de spil – het KERNPUNT! – van de hele Bijbel.
Vergelijk de passage in Maleachi nu met een ander Schriftgedeelte. “De wet en de profeten zijn tot op Johannes [vóór Johannes de Doper werden enkel de Oud Testamentische geschriften gepredikt]; van die tijd af wordt het KONINKRIJK VAN GOD verkondigd, en een ieder doet geweld daarop” (Luk. 16:16). Herinner u in Markus dat Christus het “koninkrijk van God” predikte en dit het evangelie noemde.
Satan wist dat van Christus voorspeld werd de Boodschap te brengen die hij haat. Daarom zocht Satan Hem al in Zijn kinderjaren te doden via Koning Herodes. Dat is ook de reden waarom de duivel Hem zocht te verleiden in de woestijn. De duivel wist, dat, als hij succesvol kon zijn in een van zijn pogingen, hij God’s Plan kon dwarsbomen en aan de macht blijven over de naties van de wereld.
De betekenis van “evangelie”
“Evangelie” is in het Engels “gospel”, en komt van het oud-Engelse “god spell” of “good news”. Ook het woord “kingdom” is een oud-Engelse term en betekent gewoon “government”. We mogen dus correct zeggen dat Christus “het goede nieuws van de regering van God” predikte. We zullen het wie, wat, waar, wanneer, waarom en hoe van dit GOEDE NIEUWS leren, en hoe het verband houdt met de belangrijkste profetie van de Bijbel.
Het woord evangelie wordt 101 maal aangetroffen in de Bijbel. Soms op zichzelf, soms gevolgd door “van het koninkrijk”. Ook nog met “van het koninkrijk van God” of de gelijkaardige zin “van het koninkrijk der hemelen”. Noteer dat er staat “der hemelen”, niet “in de hemel”. Het is het hemelse koninkrijk, en er is een groot verschil. Juist zoals het koninkrijk van God God’s koninkrijk betekent en niet het koninkrijk in God, geldt hetzelfde voor het koninkrijk der hemelen of het hemelse koninkrijk. Het is cruciaal om dit te begrijpen.
In het hele Nieuw Testament wordt het woord “koninkrijk” 27 maal aangetroffen, het “koninkrijk van God” 75 maal en “koninkrijk der hemelen” 34 maal. Het gaat altijd over één en hetzelfde.
Welnu, begrijp dit. Het onderwerp van het koninkrijk van God is niet alleen het overheersende thema in het Nieuw Testament, maar het is ook het overheersende thema van de HELE Bijbel. En, hoe ongelooflijk ook, toch weten de meeste mensen er weinig of niets van. De dienaars van de kerken van deze wereld zijn onwetend inzake het ware evangelie en preken er nooit over. Daarom verkeert vrijwel de hele wereld in onwetendheid van alleen al deze belangrijkste waarheid in God’s Woord. En IEDEREEN die dit ooit leerde, moet constant opletten dat het hen niet ontglipt (Hebr. 2:1).
De apostelen predikten het ware evangelie
Welk bewijs is er dat andere Nieuw Testamentische schrijvers dezelfde boodschap predikten? Veel!
Petrus predikte het koninkrijk. Merk op: “Want alzo zal u rijkelijk toegevoegd worden de ingang in het eeuwige KONINKRIJK van onze Here en Zaligmaker, Jezus Christus” (2 Petr. 1:11).
Zo ook de apostel Jakobus. “Hoort, mijn geliefde broeders, heeft God niet uitverkoren de armen dezer wereld om rijk te zijn in het geloof, en erfgenamen in het KONINKRIJK, hetwelk Hij belooft aan hen die Hem liefhebben?” (2:5).
In Matheus’ verslag wordt er driemaal de term “Evangelie van het Koninkrijk” gebruikt. Hier is nog een voorbeeld bijna identiek aan het reeds geciteerde 4:23. “En Jezus ging al de steden en vlekken rond, lerende in hun synagogen, en predikende het Evangelie van het Koninkrijk, en genezende alle ziekte en alle kwaal van het volk” (9:35).
In de meeste van Zijn parabels onderwees Christus basiskennis over het koninkrijk van God. Alleen al Matheüs verwijst, veelal via parabels, meer dan vijftig maal naar het komende koninkrijk van God.
Lukas vermeldt dat Christus Zijn discipelen de opdracht gaf diezelfde boodschap te prediken. Noteer: “En Zijn twaalf discipelen samengeroepen hebbende…En Hij zond hen heen om te prediken het KONINKRIJK VAN GOD” (9:1-2). Even later zond Hij zeventig anderen om te prediken, en zij brachten ook de boodschap van het “KONINKRIJK VAN GOD” (10:1, 9).
Johannes registreert Christus’ woorden voor Pontius Pilatus in de nacht dat Hij verraden werd. Dit is een belangrijke sleutel tot inzicht. Christus zei: “Mijn KONINKRIJK is niet van deze wereld [Deze huidige maatschappij]” (18:36). We zullen later in detail zien hoe God’s bestuur zal worden gevestigd op aarde.
Herinner u dat Filippus, een diaken, het koninkrijk predikte aan de Samaritanen (Hand. 8:12). Merk op dat hij het koninkrijk en Christus afzonderlijk predikte. “Maar toen zij Filippus geloofden, die het Koninkrijk van God en van de Naam van Jezus Christus verkondigde, werden zij gedoopt, beiden, mannen en vrouwen”.
Filippus predikte niet alleen het evangelie van het koninkrijk, maar differentieerde dit ook van zijn onderricht over Jezus Christus. Neem de tijd om het volledige verslag te lezen. Herinner u, de boodschapper is niet de boodschap. Christus is niet het evangelie. Toch heeft Hij er rechtstreeks mee te maken, en zal Hij de hele aarde regeren wanneer het koninkrijk gevestigd is.
Lukas, de schrijver van Handelingen, geeft dan een verdere differentiatie tussen de prediking van het koninkrijk van God en de prediking over Jezus Christus! Hoewel beide van vitaal belang zijn, gaat het duidelijk om twee afzonderlijke onderwerpen!
Wij bespraken hoe sommigen beweerden dat Paulus “een ander evangelie” predikte. Die zijn er zich duidelijk niet van bewust dat het Paulus was die door God werd gebruikt om een vloek uit te spreken over al wie zoiets deed (Gal. 1:8-9). We zagen dat Paulus het koninkrijk van God predikte. Nochtans kunt u opmaken uit twee verzen in Handelingen dat hij het tweede onderwerp over Christus’ rol in het proces van behoud niet verwaarloosde.
Laten we eerst eens vaststellen wat Paulus over het koninkrijk van God predikte aan de heidenen. Handelingen 19:8: “En hij ging in de synagoge en sprak vrijmoedig, drie maanden lang met hen handelende, en hun aanradende de zaken van het KONINKRIJK VAN GOD”. Er zijn vele plaatsen in de brieven waar Paulus aan de diverse heidense kerken onderricht gaf over het koninkrijk. Zijn boodschap was altijd hetzelfde, constant predikend over en verwijzend naar het koninkrijk van God.
Ga dit na vanaf Handelingen 20:25. “…waar ik doorgegaan ben, predikende het KONINKRIJK VAN GOD…de bekering tot God en het geloof in onze Here Jezus Christus” (vers 21). Dit verslag maakt duidelijk dat Paulus hetzelfde evangelie predikte – ook tegelijk met de rol van Christus – zowel aan Joden als aan heidenen. (De Efeziërs waren voornamelijk bekeerde heidenen).
Kijk dan naar de verwijzing in hoofdstuk 28:30-31. “En Paulus bleef twee gehele jaren in zijn eigen gehuurde woning, en ontving allen die tot hem kwamen. Predikende het KONINKRIJK VAN GOD, en lerende van de Here Jezus Christus met alle vrijmoedigheid, ongehinderd”. Zoals Filippus begreep Paulus dat het evangelie en Christus twee aparte onderwerpen waren.
Overdenk tenslotte een laatste passage waarin Paulus een onderscheid maakt tussen het evangelie en de Persoon van Christus, door even opnieuw te verwijzen naar 2 Korinthe 11:4.
Want indien hij die komt een andere Jezus predikte die wij niet gepredikt hebben…of een ander evangelie dat gij niet hebt aangenomen, zo verdroegt gij hem met recht” (“verdroegt gij mij” zou een juistere weergave zijn). Paulus drong er bij de Korinthiërs op aan valse leraars te verwerpen en vast te houden aan wat hen onderwezen was. Hij maakte duidelijk het onderscheid tussen een valse Jezus en een vals evangelie als twee afzonderlijke dwalingen.
Vraag uzelf nogmaals af: Als Christus het evangelie is, waarom spraken Paulus (vier maal) en Filippus er dan van als twee afzonderlijke aangelegenheden?
Iedere Oud Testamentische profeet predikte het koninkrijk
Velen hebben verondersteld dat het evangelie uitsluitend een Nieuw Testamentische boodschap is. Niets is minder waar! De Bijbel staat letterlijk vol plaatsen, in het Oud en Nieuw Testament, waarin verscheidene aspecten en profetieën over het koninkrijk van God beschreven worden.
Kijken we naar een verbazende verklaring van Petrus in Handelingen 3:19-21. “Betert u dan, en bekeert u, opdat uw zonden mogen uitgewist worden, wanneer de tijden der verkwikking zullen gekomen zijn van het aangezicht des Heren; en Hij gezonden zal hebben Jezus Christus Die tevoren gepredikt is; Die de hemel moet ontvangen tot de tijden der wederoprichting aller dingen, die God gesproken heeft door de mond van al Zijn heilige profeten van alle eeuw”.
Noteer dat Petrus verwijst naar de Komst van Christus – “van het aangezicht des Heren” (vers 19), en vers 20 stelt dat God “Jezus Christus zal gezonden hebben”. Vers 21 omschrijft God’s koninkrijk als de “wederoprichting aller dingen”. Petrus schrijft dat deze “wederoprichting” (Christus Die Zijn koninkrijk opricht) iets is waarover “God gesproken heeft door…AL Zijn heilige profeten van alle eeuw” (sinds de wereld begon, aldus de Engelse tekst).
Dit is een verbazende uitspraak! Maar is het waar?
Heeft God inderdaad iedereen van Zijn profeten gebruikt om Zijn koninkrijk aan te kondigen? Waarom negeren Bijbelexegeten en religieuzen dit, als zij het al niet klakkeloos verwerpen? Gaan we even het Oud Testament na.
De predikers van vóór de Zondvloed
Judas schreef: “Enoch [Noach’s overgrootvader]…heeft geprofeteerd, zeggende: Ziet, de Here IS GEKOMEN [in het Engels staat: “KOMT”] met Zijn vele tienduizenden engelen, om gericht te houden tegen ALLEN” (verzen 14-15). Dit verwijst duidelijk naar Christus wanneer Hij terugkomt om een regering te vestigen, om ALLE naties te besturen met de hulp van de heiligen.
In 2 Petrus 2:5 wordt verwezen naar Noach als de achtste “prediker der gerechtigheid”. Judas schreef dat Enoch de “zevende van Adam af” was. Vandaar dat Noach die na hem komt de “achtste” is. Te beginnen met Abel en met inbegrip van Enoch waren er zeven anderen die deze taak volbrachten. Deze mannen leefden in de hele tijdsspanne tussen Adam en de Zondvloed, en zij predikten allemaal dezelfde boodschap.
Het aandachtig herlezen van Judas onthult dat Enoch ook predikte over zonde en gerechtigheid. Al kan er veel verteld worden over deze periode van ongeveer zestien en een halve eeuw, toch volstaat het om te zeggen dat al deze mannen dezelfde boodschap brachten. Herinner u dat Petrus zei: “…van alle eeuw”.
Wie sprak nog over God’s koninkrijk?
Abraham, Mozes, Samuël en David
Is er een bewijs dat het evangelie werd gepredikt tijdens de periode na de Zondvloed?
In Genesis 12:3 zei God tot Abraham: “…in u zullen alle geslachten van het aardrijk gezegend worden”. Dit vers wordt eveneens aangehaald in Galaten 3:8, maar ietwat anders verwoord: “…in u zullen al de volken gezegend worden”. Datzelfde vers stelt dat het evangelie “tevoren aan Abraham verkondigd” was [in het Engels: “preached before unto Abraham”].
Dit is fascinerend inzicht! Niet alleen werd aan Abraham het evangelie gepredikt (waarschijnlijk door Melchisedek – Christus), maar het was al doorheen Genesis gepredikt, zoals blijkt uit de geschriften van Mozes! Bedenk dit: Hoe zouden alle naties kunnen gezegend worden tenzij Christus Zijn regering op aarde vestigt?
Mozes was geen “prediker der gerechtigheid” of een apostel, maar wel een profeet en een richter. En de eerste man die God opwekte om Israël te leiden. Misschien hebt u Mozes nooit bekeken als iemand die het evangelie predikte. Toch onthult de Bijbel dat hij dit deed aan oud Israël, toen zij in de woestijn waren. Genesis 12:3 verwijst naar dit evangelie, zoals ook Numeri 24:17-19. Beide passages opgetekend door Mozes.
Handelingen 3:22 toont duidelijk aan dat Mozes in feite het komende koninkrijk predikte, wanneer hij voorspelde dat God Christus zou opwekken als een belangrijke Profeet (Deut. 18:15) om te prediken tot de hele wereld (Hand. 3:23), bij Zijn Terugkeer!
Ook Hebreeën 3:9 en 4:2 tonen aan dat Mozes het evangelie predikte aan oud Israël. “Want ook ons is het Evangelie verkondigd, zoals hun [oud Israël]” (4:2). Deze verzen, samen met Handelingen 3, tonen dat dit de hele periode omsluit tot – en verder dan – Samuël!
Noteer hoe Handelingen 3:24 verwijst naar Samuël als een prediker van het evangelie. “En ook al de profeten, van Samuël aan, en die daarna, zovelen als er hebben gesproken [dit betekent iedereen] die hebben ook deze dagen [de Komst van Christus en van God’s koninkrijk] tevoren verkondigd”. Dit zijn klare en krachtige uitspraken die niet kunnen weggemoffeld worden. Neem even de tijd om te overdenken wat u zopas las. Dit vers zegt: “AL God’s profeten…zovelen als er hebben gesproken…dagen tevoren verkondigd”.
Terwijl vrijwel iedereen weet dat David een koning was, begrijpt bijna niemand dat hij het koninkrijk van God begreep en predikte. In Psalm 67:5 schreef hij “…omdat Gij [de Here] de volken zult richten in rechtmatigheid; en de natiën op aarde die zult Gij leiden”. Dit verwijst duidelijk naar God’s komende regering.
Jesaja, Jeremia, Ezechiël en Daniël
Jesaja sprak duidelijk over God’s koninkrijk, hoe het zou opkomen en vrede brengen bij alle naties op aarde. Hij maakte ook duidelijk dat God’s koninkrijk bestuur impliceert. Merk op: “Want een Kind is ons geboren, een Zoon is ons gegeven, en de HEERSCHAPPIJ [In het Engels: Government] is op Zijn schouder; en men noemt Zijn naam Wonderlijk, Raad, Sterke God, Vader der eeuwigheid, Vredevorst. Aan de grootheid van deze HEERSCHAPPIJEN van de vrede zal geen einde zijn op de troon van David en in ZIJN KONINKRIJK, om dat te bevestigen en dat te sterken met gericht en met gerechtigheid, van nu aan tot in eeuwigheid toe” (9:5-6).
Deze profetie is zo duidelijk dat ze geen verdere uitleg behoeft!
Jeremia schreef: “Ziet, de dagen komen, spreekt de HERE, dat Ik aan David een rechtvaardige Spruit zal verwekken [Christus]; Die zal Koning zijnde regeren, en voorspoedig zijn, en recht en gerechtigheid doen op aarde. In Zijn dagen zal Juda verlost worden, en Israël zeker wonen; en dit zal Zijn naam zijn, waarmee men Hem zal noemen: DE HERE ONZE GERECHTIGHEID” (23:5-6, maar lees ook de verzen 7-8).
Zoals bij Jesaja hebben deze verzen geen verdere uitleg nodig. Jeremia geeft een duidelijke beschrijving van gebeurtenissen die kunnen worden omschreven als de periode nadat God’s koninkrijk op aarde kwam. Zo predikte hij het evangelie aan het Huis van Juda.
Het boek Ezechiël beschrijft een tijd waarin God Zijn volk uit de komende gevangenschap zal verzamelen. Dit is een periode die onmiddellijk volgt op de Grote Verdrukking (Math. 24:21-22) – de geprofeteerde rampzalige tijd voor de moderne afstammelingen van oud Israël. Noteer: “Want Ik zal u uit de heidenen halen, en zal u uit al de landen vergaderen; en Ik zal u in uw landen brengen” (36:24).
De volgende tien verzen beschrijven een periode van heropbouw en van voorspoed die alleen maar kan komen na Christus’ terugkeer. Neem tijd om die verzen te lezen.
Daniël schreef: “Doch in de dagen van die koningen zal de God des hemels een KONINKRIJK verwekken dat in eeuwigheid niet zal verstoord worden; en dat KONINKRIJK zal aan geen ander volk overgelaten worden; het zal al die koninkrijken vermalen en te niet doen, maar zelf zal het in alle eeuwigheid bestaan” (Dan. 2:44).
Predikte Daniël het koninkrijk van God? De Bijbel antwoordt “ja” – en we zullen zien dat hij dit ook nog op tal van andere plaatsen deed!
Alle Kleine Profeten
Met een mogelijke uitzondering van Jona (die dit moet gepredikt hebben buiten dit boek) vermelden alle “Kleine Profeten” – zoals ze vaak genoemd worden – het evangelie van het koninkrijk van God, op de ene of de andere wijze. Herinner u dat de zin “het evangelie van het koninkrijk van God” niet de enige juiste wijze is om deze komende regering te beschrijven! Genesis 12:3 en Galaten 3:8 hebben dit al aangetoond.
Bekijk opnieuw de volgende verzen. U zult zien dat ze in alle gevallen rechtstreeks of onrechtstreeks verwijzen naar het koninkrijk van God. Hosea 2:16, 19; 3:5; Joël 2:21-27; Amos 9:11-15; Obadja 21; Micha 4:1-3; Habakuk 2:14; Zefanja 14:1-3; Maleachi 3:1-3.
Na het lezen van deze Schriftgedeelten is het duidelijk dat Petrus gelijk had. “God heeft gesproken door de mond van al Zijn heilige profeten van alle eeuw…(over) de heroprichting van alle dingen” – wat alleen kan gebeuren bij de komst van God’s regering.
Het is belangrijk nog een laatste punt aan te stippen bij dit vers. Handelingen 3:21 stelt: “God heeft gesproken door de mond van…”. Het evangelie van het koninkrijk van God is een boodschap vanwege God. Het zou duidelijk moeten zijn dat God spreekt via elk type dienstknecht die Hij gebruikt – profeet, aartsvader, richter, diaken, prediker der gerechtigheid, koning, evangelist of apostel! Als een man werkelijk Zijn dienstknecht was, sprak God altijd dezelfde boodschap door hem – “van alle eeuw”!
Is er een afzonderlijk evangelie van Jezus Christus?
Denk weer aan Markus 1:1: “Het begin van het Evangelie van Jezus Christus”. Wat is het “evangelie van Jezus Christus?”. Is dat een ander, een tweede evangelie? Vergat Paulus dat er een ander evangelie was buiten dat over het koninkrijk?
Het antwoord is categoriek “Nee”! Maar de meeste moderne predikers onderwijzen dat het evangelie van Jezus Christus over Jezus Christus gaat. Zo beweren zij dat Hij het koninkrijk van God is – dat het evangelie van het koninkrijk van God uitsluitend naar Hem refereert. Wij zagen dat dit verkeerd is, en compleet onbijbels! Het evangelie van Jezus Christus is Zijn evangelie – Zijn boodschap over het koninkrijk van God!
We zagen dat Christus een Boodschapper was vanwege God gezonden met een AANKONDIGING. Zijn boodschap ging niet over Zichzelf – die ging over het koninkrijk van God dat komt om de hele aarde te besturen! In Johannes 12:49-50 zei Christus: “Want Ik heb uit Mezelf niet gesproken; maar de Vader Die Mij gezonden heeft, Die heeft Mij een gebod gegeven wat Ik zeggen zal en wat Ik spreken zal. En Ik weet, dat Zijn gebod het eeuwige leven is. Wat Ik dan spreek, dat spreek ik alzo gelijk Mij de Vader gezegd heeft”. Christus fungeerde duidelijk als een boodschapper – een vertegenwoordiger – een WOORDVOERDER voor het komende koninkrijk van God.
In Johannes 14:24 zei Jezus: “Het woord dat gij hoort, is het Mijne niet, maar van de Vader Die Mij gezonden heeft”. Christus bracht de boodschap van de Vader. Dat zou nu duidelijk moeten zijn! Herinner u wat Hij zei: “De wet en de profeten zijn [gepredikt] tot op Johannes; van die tijd af wordt het Koninkrijk van God verkondigd” (Luk. 16:16).
Dat is wat dit Werk vandaag doet, en via dit boekje wordt het koninkrijk van God aan u verkondigd.
Een koninkrijk definiëren
Velen vragen zich af: “Wat is precies de Bijbelse definitie van een koninkrijk? Predikanten en theologen hebben getracht dit te ‘vergeestelijken’ omdat zij God’s eigen duidelijke definitie niet ten volle onderzocht hebben.
Ga naar Daniël 2. Dit hoofdstuk is een lange profetie gesymboliseerd door een reusachtige metalen man die is samengesteld uit vier delen (vijf elementen) die vier letterlijke koninkrijken voorstellen. Neem de tijd om de hele profetie te lezen. Daarin staat wat de Bijbel bedoelt met “koninkrijk”. De uitleg staat op het einde van vers 39 waar verwezen wordt naar die koninkrijken die zullen “heersen over de gehele aarde”. Ze kunnen enkel omschreven worden als echte regeringen met echte macht over een echte bevolking.
Sommigen geloven dat het koninkrijk van God louter een idee is in de “harten van de mensen”. Dit vers kan niet weggeredeneerd worden als een verwijzing naar een etherisch, vaag idee over “een koninkrijk in de harten van mensen”. Er is ook geen mogelijkheid om God’s definitie te doen passen op een of andere bepaalde kerk of kerken. Er is sprake van bestuur door een regering, met gezag, over letterlijke naties op deze aarde – en over letterlijke mensen. Gaat u iemand anders iets anders laten beweren, of gaat u God’s Woord geloven? Herinner u, de bovenvermelde koninkrijken “heersen over de gehele aarde”.
Let op twee belangrijke aspecten van het reusachtige metalen beeld beschreven in Daniël 2. Ze geven inzicht in voorspelde gebeurtenissen vlak vóór Christus’ Terugkeer. Ten eerste, het metaal vermindert in waarde naarmate we afdalen van het hoofd naar de benen en de voeten van het beeld. De kwaliteit van elk opeenvolgend koninkrijk/keizerrijk is minderwaardig aan het voorgaande. Ten tweede, het metaal verhoogt in sterkte naarmate we afdalen op het lichaam van het beeld. Met andere woorden, de macht en de omvang van ieder opeenvolgend koninkrijk/keizerrijk zijn groter dan het voorafgaande.
Merk tenslotte op dat de twee ijzeren benen (verzen 32-33, 40-42) een koninkrijk voorstellen dat verdeeld is. Dit beschrijft het Romeinse Rijk dat verdeeld was, met zowel Rome als Constantinopel als hoofdsteden. De laatste tien tenen van de voeten bestaan deels uit ijzer en deels uit leem. IJzer kan niet gemengd worden met leem, wat dus de finale instabiliteit illustreert. Wanneer de voeten uiteenvallen, klapt de hele man in elkaar.
De drie hoofdstukken moeten aandachtig bestudeerd worden om de opeenvolging van deze vier koninkrijken goed te begrijpen, en om duidelijker te zien dat de tien tenen in feite tien afzonderlijke koningen zijn die zich tijdelijk verenigen in de laatste dagen.
Vergelijk dan Openbaring 13 en 17 met Daniël 7. Dit is een ontnuchterende en krachtige profetie over de gebeurtenissen in de laatste dagen – gebeurtenissen die u en mij gaan treffen tijdens ons leven! Openbaring 17:8 beschrijft een “beest” dat uit de “bodemloze put” opklimt en bereden wordt door een “vrouw”. Vers 12 toont dat dit beest tien koningen behelst die macht hebben en verenigd zijn onder een charismatische leider die de rol van het beest zal vervullen. Dit wordt de zevende en laatste korte heropleving van het Heilige Roomse Rijk – dat JUIST NU aan ’t opkomen is in het hart van Europa. Een Verenigde Staten van Europa komt er aan en ligt vlak voor ons. Het is van vitaal belang dat u begrijpt wat deze profetie betekent! (Lees ons uitgebreid boekje Who and What Is the Beast of Revelation?).
Er gebeurt iets verbazends “in de dagen van die koningen” (de tien tenen die de laatste tien koningen van Openbaring 17:12 beschrijven). De belangrijkste van alle gebeurtenissen die er aan komt neemt elke twijfel weg over WAT exact het koninkrijk van God is. En God zegt ook WANNEER deze gebeurtenis plaatsvindt, namelijk “in de dagen van die koningen”. Zoals we al eerder lazen. Daniël 2:44 stelt: “Doch in de dagen van die koningen zal de God des hemels een Koninkrijk verwekken dat in eeuwigheid niet zal verstoord worden; en dat Koninkrijk zal aan geen ander volk overgelaten worden [God zal nooit toelaten dat mensen dat gaan bemachtigen]; het zal al die koninkrijken vermalen en te niet doen, maar zelf zal het in alle eeuwigheid bestaan”.
Het is God, en niet de mens, die het finale en belangrijkste wereldregerende rijk aller tijden zal oprichten. En Hij zegt ons dat Hij nooit zal toelaten dat mensen daarin tussenkomen en het verstoren, maar dat het “in alle eeuwigheid zal bestaan”. Die belofte is VAST. Maar de wereld is gezapig onwetend over de aanstormende sneltrein van de eindtijdgebeurtenissen die op het punt staan in te beuken – of je dat nu gelooft of niet!
De vrouw van Openbaring 17
Vooraleer verder te gaan, moeten we het hele profetische hoofdstuk overdenken; het versterkt Daniël 2.
Een vergelijking van Daniël 2 met Openbaring 13 en 17onthult dat er zeven heroplevingen zijn van het Romeinse Rijk. Zes zijn gekomen en gegaan – en één blijft er nog over, dat nu gevormd wordt! Het zal zo’n 3 ½ jaar duren, dezelfde afgrijselijke tijd van de Grote Verdrukking (Math. 24:21-22). Onmiddellijk na deze laatste heropleving, komt het koninkrijk van God.
Het is cruciaal te begrijpen dat er nog een andere belangrijke connectie is met de zeven heroplevingen (of opstandingen) van het Romeinse systeem. Openbaring beschrijft ieder van deze heroplevingen als hebbende “een vrouw, zittende op een scharlakenrood beest dat vol was van namen van godslastering, en het had zeven hoofden en tien hoornen” (vers 3). De zeven hoofden zijn de zeven afzonderlijke heroplevingen, met een laatste heropleving van tien hoorns: samengesteld uit tien koningen. Het is deze vrouw die “de verborgenheid der ongerechtigheid” verspreidt, waar Paulus over schrijft (2 Tess. 2:7).
Van de vrouw wordt gezegd in verzen 5-6: “En op haar voorhoofd was een naam geschreven, namelijk VERBORGENHEID [MYSTERIE]; HET GROTE BABYLON, MOEDER DER HOERERIJEN EN DER GRUWELEN DER AARDE. En ik zag dat de vrouw dronken was van het bloed der heiligen, en van het bloed der getuigen van Jezus”. Vers 1 noemt haar een “grote hoer die zit op vele wateren”, waarbij in vers 15 wordt verklaard dat “wateren” “volken en scharen en natiën en tongen” zijn.
Dit is een pittige beschrijving van een heel grote en machtige heidense kerk die de moderne afstammeling van Babylon is. Zij is de “moeder” van vele “hoeredochters” die protesterend uit haar kwamen omdat zij niet akkoord gingen met enkele van haar gruwelen. Het is geen kleine kerk, maar een “grote” kerk die “vele” volken bestuurt. Vers 2 spreekt van “hoererij” met de “koningen der aarde”. En vers 18 spreekt van de vrouw als “de grote stad die regeert over de koningen der aarde”.
Dit is een heel andere vrouw dan die van Openbaring 12, die Christus gaat huwen (Openb. 19:7; Math. 25:1-10; Ef. 5:23) bij Zijn Terugkeer. Dat hoofdstuk beschrijft de ware Kerk van God die door de heidense kerk bijna 2.000 jaar lang vervolgd werd (17:6). Het zijn dienaars van die grote kerk die “binnenslopen” in God’s Kerk (Jud. 3-4) als “wolven” die “verkeerde dingen” spreken om de mensen proberen terug te trekken naar het mysterie van het valse christendom.
Daniël 7:19-20 werpt meer licht op wat plaatsvindt wanneer de heiligen terugkeren met Christus. Hun eerste verantwoordelijkheid bestaat in het vervangen van wat Daniël het “vierde dier” noemt (het laatste wereldse rijk dat door Christus wordt vervangen bij Zijn Terugkeer), en dat regeert met de assistentie van een “kleine hoorn”. Die kleine hoorn is het religieuze koninkrijk dat hetzelfde is als de vrouw die het beest van Openbaring 17 berijdt. Dit religieuze koninkrijk heeft geregeerd over alle voorgaande opstandingen, of heroplevingen, van het Romeinse Rijk.
De heiligen zullen vreselijke vervolging hebben ondergaan door toedoen van deze “kleine hoorn” vrouw. Maar uiteindelijk zullen de getrouwe heiligen beloond worden op een ongelooflijke wijze. Overdenk: “Ik had gezien dat die hoorn [het Babylonische systeem van Openb. 17:5-6] krijg voerde tegen de heiligen, en dat hij die overmocht; Totdat de Oude van Dagen kwam, en het gericht gegeven werd aan de heiligen der hoge plaatsen, en dat de bestemde tijd kwam, dat de heiligen het RIJK bezaten” (Dan. 7:21-22).
Uiteindelijk gaat God die hoer en die hoeredochters vernietigen, voor eens en voorgoed, door het beest dat zij berijdt tegen haar te keren (Openb. 17:16). Maar eerst moet zij de laatste heropleving van het Heilige Roomse Rijk (het Babylonische systeem) “berijden”!
Er blijft niet veel tijd over vooraleer de laatste heropleving opduikt – die zelfs momenteel gevormd wordt – waarna het fabelachtige koninkrijk van God vlug volgt (19:11-16). Al de regeringen van mensen – met inbegrip van de regering van elk groot en klein land op aarde – wordt dan van de kaart geveegd door God’s komende SUPERREGERING.
Het koninkrijk van God komt er aan
Vergis u niet! Met wereldcondities die toelopen naar de finale crisis, zou geen mens in staat zijn een enkele wereldbesturende regering in het leven te roepen – een regering die zou functioneren. Jezus Christus zal binnenkort komen om ZIJN koninkrijk op te richten.
De discipelen begrepen niet wanneer Christus dit zou doen. Hij moest hen dat uitleggen via een parabel. “En toen zij dat hoorden, voegde Hij daarbij, en zei een gelijkenis; omdat Hij nabij Jeruzalem was en omdat zij meenden dat het KONINKRIJK VAN GOD terstond zou openbaar worden” (Luk. 19:11). Deze lange parabel legt uit dat er lange tijd overheen gaat vooraleer het komt.
Vóór Zijn tenhemelopneming, in Handelingen 1, en na een reeks ontmoetingen met Zijn discipelen, ontmoette Christus hen een laatste keer. Tot op het allerlaatste moment verklaarde Hij hen het koninkrijk van God. Maar zij bleven in de war over het wanneer dit zou worden opgericht. “Tot op de dag waarin Hij opgenomen is…[sprak Hij hen] van de dingen die het KONINKRIJK VAN GOD aangaan…Zij dan, die samengekomen waren, vroegen Hem, zeggende: Here, zult Gij in deze tijd het KONINKRIJK weer oprichten?” (verzen 2-3, 6). Christus verklaarde: “Het komt u niet toe te weten de tijden of gelegenheden…” (vers 7). We kunnen vandaag niet exact weten wanneer het komt, maar wij kunnen wel weten dat het dichtbij is.
Let nu op Daniël 7:18. “Maar de heiligen der hoge plaatsen zullen het Koninkrijk ontvangen, en zij zullen het Rijk bezitten tot in eeuwigheid, ja, tot in eeuwigheid der eeuwigheden”. En dan in vers 22: “Totdat de Oude van Dagen [Christus hier, en de Vader in vers 13] kwam, en het gericht gegeven werd aan de heiligen der hoge plaatsen, en dat de bestemde tijd kwam, dat de heiligen het Rijk bezaten”.
Noteer tenslotte vers 27. “Maar het rijk en de heerschappij en de grootheid der koninkrijken onder de ganse hemel, zal gegeven worden aan het volk van de heiligen der hoge plaatsen, welks Rijk een eeuwig Rijk zijn zal; en alle heerschappijen [regeerders] zullen Hem eren en gehoorzamen”.
Daniël wist dat de heiligen ooit met Christus zullen regeren op aarde!
Jezus’ eerste opgetekende prediking, de “Bergrede” genaamd, stelt dat “de zachtmoedigen de aarde zullen beërven” (Math. 5:5). Feitelijk citeerde Christus David die dit schreef in Psalm 37:11 – nog een plaats waar David het evangelie verkondigde. Deze stelling is precies hetzelfde. Andere profetieën tonen aan dat David zelf op een dag zal regeren over al de stammen van Israël, binnen het koninkrijk van God.
Noteer drie afzonderlijke verzen in Openbaring. Via Johannes wordt Christus hier geciteerd: “Die overwint, Ik zal hem geven met Mij te zitten in Mijn troon, zoals Ik overwonnen heb, en ben gezeten met Mijn Veder in Zijn troon” (3:21). Ook 2:26-27: “En die overwint…Ik zal hem macht geven over de heidenen; en hij zal ze hoeden met een ijzeren staf”. Tenslotte: “En Gij hebt ons voor onze God gemaakt tot KONINGEN en PRIESTERS; en wij zullen als koningen heersen op de aarde” (5:10).
Heeft de georganiseerde religie u iets verteld over deze verzen? Zo goed als zeker niet. Toch staan die verzen al duizenden jaren in de Bijbel. Niet te verwonderen dat Christus bij Zijn berechting zei: “Mijn KONINKRIJK is niet van deze wereld. Indien Mijn KONINKRIJK van deze wereld ware, zo zouden Mijn dienaars gestreden hebben, opdat Ik de Joden niet ware overgeleverd; maar nu is Mijn KONINKRIJK niet van hier” (Joh. 18:36). Pilatus vroeg Hem dan: “Zijt Gij dan een Koning?”. Daarop antwoordde Christus: “Hiertoe ben Ik geboren en hiertoe ben Ik in de wereld gekomen…” (vers 37).
Jezus begreep ten volle dat Hij geboren was om Koning te worden.
Christus komt als Koning
Christus’ Eerste Komst zou een belangrijk gebeuren worden. Jesaja profeteerde over Zijn geboorte uit een maagd: “Daarom zal de Here Zelf u een teken geven; ziet, een maagd zal zwanger worden en zij zal een Zoon baren, en Zijn naam Immanuël heten” (7:14).
Vóór Jezus’ geboorte verscheen een engel aan Maria om God’s doel te verklaren en om te zeggen wat haar zou overkomen. “En in de zesde maand werd de engel Gabriël door God gezonden naar een stad in Galilea, genaamd Nazareth; tot een maagd…Maria” (Luk. 1:26-27).
Vanaf vers 30 geeft Gabriël meer uitleg over Christus en hoe Hij uiteindelijk zal regeren vanop de troon van David. Noteer: “En de engel zei tot haar: Vrees niet, Maria, want gij hebt genade bij God gevonden. En zie, gij zult bevrucht worden en een Zoon baren, en zult Zijn naam noemen JEZUS. Deze zal groot zijn, en de Zoon van de Allerhoogste genaamd worden; en God, de Here, zal Hem de troon van Zijn vader David geven. En Hij zal over het huis van Jakob Koning zijn in eeuwigheid, en aan Zijn KONINKRIJK zal geen einde zijn” (verzen 30-33).
Christus twijfelde nooit aan de opdracht en het doel van Zijn leven. Vandaar dat Hij het koninkrijk van God onophoudelijk predikte, overal waar Hij heen ging.
Jesaja sprak meer gedetailleerd over hoe God’s koninkrijk over de aarde zou worden uitgespreid om uiteindelijk alle naties te omsluiten. “En het zal geschieden in het laatste der dagen dat de berg van het huis des Heren zal vastgesteld zijn op de top der bergen, en dat hij zal verheven worden boven de heuvels, en tot hem zullen alle heidenen [alle naties] toevloeien. En vele volken zullen heengaan en zeggen: Komt, laat ons opgaan tot de berg des Heren, tot het huis van de God van Jakob, opdat Hij ons lere van Zijn wegen, en dat wij wandelen in Zijn paden; want uit Sion zal de wet uitgaan, en het woord des Heren uit Jeruzalem. En Hij zal richten onder de heidenen, en bestraffen vele volken; en zij zullen hun zwaarden slaan tot spaden, en hun spiesen tot sikkels; het ene volk zal tegen het andere volk geen zwaard opheffen, en zij zullen geen oorlog meer leren” (2:2-4).
Een identieke profetie vinden we terug in Micha 4:1-3. Deze passages voorspellen dat God’s koninkrijk zich zal uitspreiden over de hele wereld. Vandaar dat een van Christus’ parabels het koninkrijk vergelijkt met zuurdesem (Luk. 13:20-21), dat zich altijd verspreidt tot het hele deeg er vol van is. Het overkoepelende doel van uw leven is deel te nemen aan de toekomstige verspreiding van God’s BESTUUR.
Voor het gebouw van de Verenigde Naties staat een beeld van een grote man die een ploeg smeedt vanuit een zwaard. Ik zag dat beeld honderden malen, omdat ik jarenlang kerkdiensten leidde in de straat daar tegenover. Maar niemand schijnt nog aandacht te schenken, zo meen ik toch, aan de verbazende profetie die wordt uitgebeeld door dit beroemde beeldhouwwerk.
Jezus Christus kwam om een KONING te worden die op een dag de aarde zal REGEREN. Wanneer Hij terugkeert, zullen lijden, ellende, ongelukkig zijn en alle problemen en al het kwaad van de wereld verdwijnen. Dan zal wereldvrede letterlijk “uitbreken”, samen met uiterst geluk, harmonie, welvaart en overvloed voor alle naties. Geen enkele menselijke regering was ooit in staat al die dingen te brengen in zelfs maar één land op aarde. Dat is de kern van het evangelie dat Jezus bracht.
Gelooft u het? Gaat u het geloven?
Het koninkrijk van God moet ook vandaag nog gepredikt worden
In de Olijfbergprofetie van Matheüs 24 (en 25) werd Christus gevraagd naar gebeurtenissen die een teken zouden zijn van Zijn Tweede Komst en van het einde van de wereld (tijdperk). Hij antwoordde dat er eerst een allerlei trends en omstandigheden zouden zijn.
Een gebeuren dat Christus’ Terugkeer voorafgaat wordt beschreven in vers 14. “En dit Evangelie van het koninkrijk zal in de gehele wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken; en dan zal het einde komen”. Er werd voorspeld dat het ware evangelie zou gepredikt worden “tot het einde komt”. Dit betekent duidelijk dat er iemand dit nu predikt; in ons huidige tijdperk, omdat het einde nog niet gekomen is.
Even wat geschiedenis. De kennis van het ware evangelie was hersteld door Herbert W. Armstrong (1892-1986). Bijna 19 eeuwen werd het niet gepredikt aan de wereld, tot dhr. Armstrong het begon te prediken in januari 1934, waarbij de Matheüs 24:14 profetie werd ontvouwen. Begrijp dit! Sinds de eerste eeuw had de wereld als geheel er nog niet van gehoord. Doorheen zijn 52-jarig dienaarschap, tot zijn dood in 1986, heeft God dhr. Armstrong gebruik om honderden miljoenen mensen inzicht bij te brengen. Het was deze man die mij het ware evangelie onderwees en onder wie ik werd opgeleid om in staat te zijn diezelfde boodschap uit te dragen aan de wereld.
Denk eraan dat het einde nog niet gekomen is. Daarom gaat De Herstelde Kerk van God door met deze opdracht, om deze belangrijkste profetische waarheid vrijuit te verkondigen. God’s koninkrijk komt zeker – vast en zeker! Wanneer het komt, kunt u er ook bij horen.
Het 7.000-jaren Plan
Van God afgesneden door de zonde (Jes. 59:1-2) geloofde de mensheid de leugens van de god van deze wereld, 6.000 jaar lang. De tijdspanne van God’s plan met de mensheid omsluit 7.000 jaar. Weinig mensen begrepen dit. Velen hebben wel minstens iets begrepen van de verzen die Christus’ komende 1.000-jarige Rijk beschrijven, te beginnen vanaf Zijn Terugkeer (Openb. 20:4-6). Maar zij weten niets over het feit dat God 6.000 jaar – of zes millenniadagen van een “zevendagenweek” – menselijk bestuur onder Satan heeft toegelaten, vóór de zevende 1.000-jarige “dag”. We naderen nu het einde van de “zesde dag”.
Laten we dit goed begrijpen! De Bijbel stelt: “Doch deze ene zaak zij u niet ONBEKEND, geliefden, dat één dag bij de Here is als duizend jaren, en duizend jaren als één dag” (2 Petr. 3:8; Ps. 90:4). Natuurlijk is dat voor de meesten “onbekend”; zoals overigens praktisch alles wat de Bijbel leert.
Gaat u het begrijpen?
De mensheid (onder de onzichtbare overheersing van Satan) werd zes “dagen” – of 6.000 jaar – gegeven om zijn eigen wegen, regeringen, religies, filosofieën, waardesystemen en onderwijsvormen uit te proberen. Onder de invloed van Satan heeft de mens de hele tijd zonden bedreven en was hij God’s wetten ongehoorzaam. Daarna heeft hij geprobeerd alle daaruit vloeiende ziektegevolgen te behandelen, in plaats van de oorzaak aan te pakken – namelijk het overtreden van God’s geboden. God liet de mensheid toe harde, bittere lessen te leren. De mensheid, die de kostbare waarheid van God nooit kende, moet leren dat de eigen wegen niet werken!
Binnenkort gaat de hele wereld Openbaring 11:15 vervuld zien. “De koninkrijken der wereld zijn geworden van onze Here en van Zijn Christus, en Hij zal als Koning heersen in alle eeuwigheid”. Juist zoals er geen twijfel bestaat dat landen nu echte, letterlijke, fysieke koninkrijken (naties met regeringen) vertegenwoordigen, zo kan er vanuit dit vers geen twijfel bestaan dat God’s komende regering ook echt en letterlijk is, en zal heersen over werkelijke naties op aarde.
Jezus Christus werd geboren om een Koning te worden die alle naties op aarde voor eeuwig zal besturen, met de hulp van andere uit geest samengestelde koningen. “En uit Zijn mond ging een scherp zwaard, opdat Hij daarmee de heidenen slaan zou. En Hij zal hen hoeden met een ijzeren roede…en op Zijn dij (heeft Hij) deze Naam geschreven: KONING DER KONINGEN, EN HERE DER HEREN” (Openb. 19:15-16).
Heeft iemand u ooit deze passages verteld? Ik heb ze nooit geleerd, en er zelfs nooit van gehoord in de kerk van mijn jeugd – en toch staan ze daar, met een onmiskenbaar klare betekenis voor al wie er aandacht aan schenkt.
Het koninkrijk van God verklaard
Matheüs 6:33 stelt: “Maar zoekt eerst het Koninkrijk van God en Zijn gerechtigheid…”. Als u iets eerst zoekt in uw leven, doet u er beter aan te weten wat u zoekt. Dit hoofdstuk bevat wat velen “Het Onze Vader” noemen (vers 10). Christus instrueert de Christenen te bidden: “Uw Rijk kome”. Om dat correct te doen, moet u weten waar u voor bidt.
De voornaamste bedoeling van dit boekje bestaat er niet in gedetailleerd uit te leggen wat het koninkrijk van God is. Maar wel om de definitie van het ware evangelie van de ongelooflijke toekomst van de mensheid te verklaren. (Om het koninkrijk van God tot in het detail te begrijpen, lees ons boekje What Is the Kingdom of God?).
Laten we dit goed begrijpen. Het woord “koninkrijk” betekent gewoon regering. Natuurlijk kunt u geen regering hebben zonder een te regeren natie. Daarom is een koninkrijk minstens één natie met een bestuur.
Elk koninkrijk bestaat noodzakelijkerwijs uit vier componenten: (1) Land, terrein of territorium – hoe groot of hoe klein ook. Met andere woorden, er is een specifiek en afgebakend geheel van grenzen vereist om de afmetingen van het koninkrijk vast te leggen. (2) Een regeerder, koning, monarch of bestuurder die de regering leidt. (3) Een volk of onderdanen die binnen het territorium leven. (4) Een systeem van wetten en regels, samen met een basisstructuur van bestuur. Geen enkel koninkrijk is compleet zonder al deze basiselementen.
Maar hoe is dat toepasselijk op God’s koninkrijk? De meeste mensen begrijpen zelfs deze meest fundamentele elementen niet in het koninkrijk van God. Wordt dit een letterlijke, fysieke plaats op aarde, met mensen en wetten, onder leiding van een bestuurder? Sommigen geloven dat dit koninkrijk eerder iets is in het hart van de mensen. Anderen geloven dat dit zich bevindt waar je een bepaalde kerk vindt. Nog anderen geloven dat dit Jezus Christus Zelf is. Er zijn mensen die geloven dat dit nu op aarde is, terwijl anderen geloven dat het nog moet komen maar niet begrijpen hoe dat gaat gebeuren.
We kunnen ons afvragen: Hoe komt iemand in het koninkrijk van God?
U moet opnieuw geboren worden om het koninkrijk in te gaan
Paulus schreef dat Christus “de Eerstgeborene uit de doden” is (Kol. 1:18), en ook “de Eerstgeborene onder vele broeders” (Rom. 8:29). Aan elkaar gekoppeld tonen deze verzen dat Jezus de eerstgeborene is uit de dood, met vele anderen die gaan volgen. Maar wanneer en waarin gaan zij geboren worden?
In Johannes 3:3 zei Christus tot Nikodemus: “Voorwaar, voorwaar, [dit betekent: waarlijk, waarlijk] zeg Ik u: Tenzij dat iemand WEDEROM GEBOREN wordt, hij kan het Koninkrijk van God niet zien”. In vers 6 vervolgt Christus: “Wat uit het vlees geboren is, dat is vlees; en wat uit de Geest geboren is, dat is geest”. Geloof gewoon de duidelijke betekenis van dit vers. U moet geest worden om het koninkrijk van God te ZIEN. (Lees ons boekje What Does “Born Again” Mean?).
Paulus schreef dat “vlees en bloed het Koninkrijk van God niet kunnen beërven” (1 Kor. 15:50). De volgende twee verzen verklaren dat de opstanding zal plaatsvinden bij de Zevende (laatste) Trompet, wanneer “de doden onverderfelijk opgewekt worden, en wij zullen veranderd worden”.
Christus komt weer wanneer de Zevende Trompet (van Openbaring 11) schalt. Dan vindt de opstanding van de doden plaats. Begrijp dit naar een climax oplopend gebeuren niet verkeerd. Mensen die eens vlees en bloed waren zullen veranderd worden in geest – zullen wedergeboren zijn – en het koninkrijk van God binnengaan. Geen fysieke mensen kunnen dit koninkrijk ingaan.
Johannes 4:24 stelt: “God is een Geest”. Onder de Vader leidt Christus Zijn koninkrijk dat is samengesteld uit geestelijke wezens. Bij Zijn Terugkeer zal Christus, als een lid van de God Familie, vele jongere “broers en zussen” hebben, die gekwalificeerd zullen zijn om met Hem te regeren.
Bekijk het op deze manier: Er is een rijk van de planten, een rijk van de dieren, een rijk van de mensen en een rijk van de engelen. Er is ook het rijk van God.
Noteer nu Genesis 1:26: “En God zei: Laat ONS mensen maken naar ONS beeld, naar ONZE gelijkenis”. Naar zichzelf verwijzend zegt de Ene die het woord voert: “Ons” en “Onze”. Dit bewijst dat er méér dan één Wezen in de Godheid is – er zijn er dan twee! In dit Schriftgedeelte is het Hebreeuwse woord voor God Elohim. Dit is een enkelvoudige meervoudsvorm zoals groep, team, comité of familie. Die vertegenwoordigen allemaal een eenheid, samengesteld uit meerdere leden of personen.
De Bijbel leert dus dat er één God is, samengesteld uit twee Personen – de Vader en Christus – waar later veel meer personen aan kunnen worden toegevoegd. Het eerste belangrijke ogenblik wanneer God meer zonen zal toevoegen aan Zijn Familie, is wanneer Christus’ rijk gaat gevestigd worden. Maar God’s koninkrijk ingaan, zal niet automatisch voor iedereen het geval zijn.
Er zijn voorwaarden om het koninkrijk in te gaan
Op verschillende plaatsen lezen we dat Christus zei dat alleen zij die overwinnen het koninkrijk zullen beërven en met Hem regeren. Er is méér voor nodig om in het koninkrijk van God te komen dan dit alleen maar te verlangen. Er zijn CONDITIES om te kwalificeren, voorwaarden waaraan moet beantwoord worden.
Jezus zei tot een jongeman die vroeg naar het eeuwige leven: “…wilt gij het eeuwige leven ingaan, onderhoud de geboden” (Math. 19:17). Hij verklaarde dat je de Tien Geboden moet houden om gered te worden, en Hij citeerde er specifiek vijf van.
Welnu, wat is zonde? Vermits zonde bedrijven uitmondt in de dood (Rom. 6:23), zou je dan niet moeten weten wat zonde is? 1 Johannes 3:4 stelt: “Zonde is de ongerechtigheid” of “wetsovertreding”. Het is diezelfde wet die de rijke jongeman gezegd werd te moeten gehoorzamen om eeuwig leven te beërven.
Velen beweren Christen te zijn – navolgers van Christus. Zij beweren “in Christus te geloven” en beweren “zoekers van de waarheid” te zijn hoewel zij de echte waarheid van de Bijbel in het geheel niet willen. Noteer de lange conversatie die Christus had met de farizeeërs: “Jezus zei dan tot de Joden die in Hem geloofden: Indien gij in MIJN WOORD blijft, zo zijt gij waarlijk Mijn discipelen; en zult DE WAARHEID verstaan, en DE WAARHEID zal u vrijmaken…maar gij zoekt Mij te doden, want MIJN WOORD heeft in u geen plaats…Maar nu zoekt gij Mij te doden, een Mens Die u de waarheid gesproken heb, welke Ik van God gehoord heb…Indien God uw Vader was, zo zoudt gij Mij liefhebben; want Ik ben van God uitgegaan en kom van Hem…Waarom kent gij Mijn spraak niet? Het is omdat gij MIJN WOORD niet kunt horen…Maar omdat Ik u DE WAARHEID zeg, gelooft gij niet [toch staat er dat zij “in” Hem geloofden]…En indien Ik DE WAARHEID zeg, waarom gelooft gij Mij niet?” (Joh. 8:31-32, 37, 40, 42-46). Zonder er doekjes rond te doen gaat Christus in dit verslag verder met het aanklagen van hen die beweren Christenen te zijn terwijl zij in feite “de duivel als (hun) vader” hebben.
Velen gaan ervan uit dat zij “Jezus kennen” terwijl zij niets afweten van de ware Christus van de Bijbel. Zoals Hij zei, kunnen zij Christus’ woorden – de WAARHEID – letterlijk “niet horen” – hoewel zij denken dit wèl te kunnen. “Die daar zegt: IK KEN HEM, en Zijn geboden niet bewaart, is een leugenaar, en in hem is DE WAARHEID niet” (1 Joh. 2:4). De wereld is gevuld met honderden miljoenen dergelijke “Christenen” die een Jezus belijden, maar de waarheid niet kennen.
Vele niet-praktiserende Christenen vinden hun weg naar de ware Kerk. Maar uiteindelijk gaan zij toch allemaal weg. Zo vervolgt Johannes: “Zij zijn uit ons uitgegaan, maar zij waren uit ons niet; want indien zij uit ons geweest waren, zo zouden zij met ons gebleven zijn; maar dit is geschied opdat zij zouden openbaar worden, dat zij niet allen uit ons zijn” (vers 19). Ik heb dat vaak gezien. Velen schijnen enkel te geloven “in” Christus, maar geloven Hem niet echt – dus geloven wat Hij zegt, en wat Hij zegt te DOEN!
Denk terug aan Christus’ woorden in Markus 1:15: “BEKEER u, en geloof het Evangelie”. Bekeren van zonde (Hand. 3:19). Een Christen is iemand die zich afkeerde van – berouw heeft over – zijn zonden, gedoopt werd (2:38) en bekeerd is (3:19). Doorheen een levenslang overwinnen van de zonde, kwalificeert een Christen voor behoud (hoewel hij dit niet zelf kan verdienen) en een geestelijke geboorte in het koninkrijk van God.
Uw ongelooflijke toekomst
Herinner u dat God zei dat Hij de mensen maakte naar Zijn “beeld” en “gelijkenis”. Dit vers bedoelt wat het zegt. God schiep u om in elk opzicht “zoals” Hem te worden. Doorheen Zijn Geest die in ieder van Zijn nieuw bekeerde kinderen komt, is een gloednieuw geestelijk leven verwekt. Op dat moment komt een klein geestelijk verwekt “embryo” tot leven. Juist zoals kleine kinderen opgroeien om er uit te zien zoals hun fysieke ouders, zo nemen God’s kinderen langzaam de GEESTELIJKE gelijkenis aan met God (hun Ouder) qua aard en karakter, zoals ook qua beeld en gedaante (2 Petr. 1:4).
Zowel het Oud als het Nieuw Testament maken dit punt volkomen duidelijk! Hoewel velen misschien een vaag begrip hebben dat Christenen in zeker opzicht “zonen van God” kunnen zijn, heeft er niemand ooit het volgende overwogen: “Geliefden, nu zijn wij kinderen van God, en het is nog niet geopenbaard wat wij zullen zijn. Maar wij weten, dat als Hij zal geopenbaard zijn, wij Hem zullen GELIJK wezen; want wij zullen Hem zien gelijk Hij is” (1 Joh. 2:3). Begrijp deze ontzagwekkende kennis! Op een dag zullen wij er precies uitzien zoals Jezus. Romeinen 8:16 stelt dat wij “kinderen” van God zijn, en “erfgenamen” met Christus.
Koning David begreep dat ook al zo’n duizend jaar eerder toen hij schreef: “Ik zal Uw aangezicht in gerechtigheid aanschouwen, ik zal verzadigd worden met UW BEELD, als ik zal opwaken” (Ps. 17:15). Tussen haakjes, dit vers ontzenuwt het populaire waanidee van de “zalig aanschouwing” – dat de mensen God’s gezicht niet echt zullen zien in het hiernamaals. David begreep dat wij God zullen zien – van gezicht tot gezicht. Johannes ook. Beiden wisten dat wij bij de Opstanding – wanneer wij “opwaken” – exact als God zullen zijn, qua vorm en karakter.
En zo is God nu Zichzelf aan het reproduceren in mensen die Zijn Heilige Geest hebben ontvangen. Hij is kinderen aan het scheppen die precies op Hem lijken en zijn zoals Hijzelf is!
Het is de eigenste Geest van God in ons die het ons mogelijk maakt te ontwaken in de Opstanding. Noteer Romeinen 8:11: “En indien de Geest van Hem, Die Jezus uit de doden opgewekt heeft, in u woont, zo zal Hij Die Christus uit de doden opgewekt heeft ook uw sterfelijke lichamen levend maken DOOR Zijn Geest Die in u woont” (zie ook I Kor. 15 en 1 Tess. 4:13-18). Christus werd opgewekt om terug te keren naar Zijn positie naast God de Vader. Hij had Zijn taak volbracht van Redder te worden.
Welnu, begrijp dit! Diezelfde Geest, in ons vanaf het ogenblik van onze bekering, gaat ons opwekken (al wie verwekt van God zijn) om bij God te zijn in Zijn Koninkrijk.
Zoals de nieuw verwekte baby moet groeien in de baarmoeder van zijn moeder, zo moet de Christen ook groeien alvorens hij de baarmoeder kan verlaten. Petrus schreef: “Maar GROEI in de genade en kennis van onze Here en Zaligmaker Jezus Christus” (2 Petr. 3:18). Christenen behoren te groeien in dit leven. Om Goddelijke autoriteit en macht te ontvangen als mede-erfgenamen van Christus, moeten zij kwalificeren. Door het bouwen van Goddelijk heilig rechtvaardig karakter in hun leven.
Paulus verklaarde dat de rol van getrouwe dienaars in de Kerk erin bestaat de kudde te voeden. Jezus zei: “Ik zal Mijn Kerk bouwen” (Math. 16:18). Het is de Kerk – DIE Kerk – het “Jeruzalem dat boven is…die ons aller moeder is” (Gal. 4:26; Hebr. 12:22-23). Zoals elke moeder, koestert en voedt de Kerk haar kinderen – en dat doet zij nu al zo’n 2.000 jaar.
Een verbazingwekkend Schriftgedeelte
Het boek Hebreeën onthult God’s ontzagwekkend doel met een kristalheldere duidelijkheid. De context begint in hoofdstuk 1. Zie hoe het beeld van behoud wordt ontrafeld.
Eerst is het nodig te begrijpen dat God engelen schiep om “dienende geesten” te zijn voor het assisteren van “erfgenamen van behoud” (vers 14). Dit is hun rol binnen God’s Plan. Engelen wordt geen lidmaatschap in de Familie van God aangeboden. Dat is de reden waarom Satan (een gevallen engel) zo erg het idee haat dat een petieterige, kleine, fysieke mens kan ontvangen wat hem nooit aangeboden werd en hij ook nooit kan bereiken.
Paulus citeert twee plaatsen in de Psalmen. “Want tot wie van de engelen heeft Hij ooit gezegd: Gij zijt Mijn Zoon, heden heb Ik U gegenereerd? En weer: Ik zal Hem een Vader zijn, en Hij zal Mij tot een Zoon zijn?..” (vers 5). Dat zei God nooit tot een engel!
Paulus citeert nog een andere Psalm waarin wordt uitgelegd wat God’s bedoeling altijd is geweest. “Uw TROON, o God, is in alle eeuwigheid; de scepter van Uw KONINKRIJK is een rechte scepter…” (vers 8). Een scepter is een staf gebruikt als symbool van leiderschap of autoriteit – en in Zijn koninkrijk is het God die alle macht heeft.
Tenslotte herneemt Paulus diezelfde vraag in verband met engelen. “En tot wie van de engelen heeft Hij ooit gezegd: Zit aan Mijn rechterhand, totdat Ik Uw vijanden zal gezet hebben tot een voetbank Uwer voeten? Zijn zij niet allen gedienstige geesten die tot dienst uitgezonden worden om degenen die de zaligheid beërven zullen?” (verzen 13-14).
Dit vormt de aanloop voor wat wij moeten begrijpen! Laten we echt begrijpen wat de ongelooflijke toekomst is die God bereid heeft voor al wie Hem dienen.
In hoofdstuk 2 volgen verbazende verzen. Paulus citeert David (uit Psalm 8:4-6) waarin hij de allerbelangrijkste vraag stelt: “Wat is de mens, dat Gij hem gedenkt?” (Hebr. 2:6). Vermits God eeuwig is, en zetelt over het hele universum en alle macht in handen heeft, is het niet te verwonderen dat David deze centrale levensvraag stelt, die door Paulus wordt herhaald.
Het verrassende antwoord begint in het volgende vers. “Gij hebt hem [de mens] een weinig minder dan de engelen gemaakt; met heerlijkheid en eer hebt Gij hem gekroond, en Gij hebt hem gesteld over het werk Uwer handen”.
Uiteindelijk zal God het bestuur over Zijn hele schepping delen met Zijn Zonen. Nogmaals, Christus is de eerste van vele Zonen. De geboorte van de eerstgeboren zoon sluit de geboorte van bijkomende zonen (en dochters) in diezelfde familie niet uit. Ik heb twee zonen en ben zelf een eerstgeboren zoon met een jongere broer. Mijn vader was een tweedegeboren zoon met een oudere broer, en zo voort. U begrijpt wat ik bedoel.
Paulus gaat verder met uit te leggen dat God van plan is ontzagwekkende macht en autoriteit te geven aan Zijn Zonen. “ALLE DINGEN hebt Gij onder zijn voeten onderworpen. Want daarin, dat Hij hem alle dingen heeft onderworpen, heeft Hij NIETS uitgezonderd dat hem niet onderworpen zou zijn; doch nu zien wij nog niet dat hem alle dingen onderworpen zijn” (vers 8). Dit is nog niet gebeurd – maar dat komt spoedig.
Wanneer God zegt dat “alle dingen” onder de voeten van de mensen worden gelegd, is het dàt wat Hij bedoelt. Het uitgebreide heelal met triljoenen sterren en biljoenen sterrenstelsels zal onder het gezag geplaatst worden van mensen die geboren zijn in de God Familie. In feite vertaalt de Moffatt het Griekse woord voor “alle dingen” in “HET UNIVERSUM”.
Dit is inderdaad duizelingwekkende kennis! Neem de tijd om dit te vatten! Proef wat UW toekomst kan zijn!
Vooraleer verder te gaan, overweeg een fascinerend vers over een ander aspect van behoud/redding dat ermee verband houdt, een aspect dat totnogtoe niet begrepen werd. Wij zagen dat Christenen een echt ontzagwekkend behoud wacht. Maar de hele schepping is ook intensief aan het uitkijken naar de opkomst van de nieuwe zonen die toegevoegd worden aan de Familie van God. Lees aandachtig deze Bijbelverzen:
“Want de schepping, als met opgestoken hoofde [reikhalzend], verwacht de openbaring van de kinderen van God. Want de schepping [alle dingen in het gekende universum] is aan de ijdelheid onderworpen, niet gewillig [niet uit eigen wil], maar om hem die het aan de ijdelheid onderworpen heeft; Op hoop dat ook de schepping zelf zal vrijgemaakt worden van de dienstbaarheid der verderfenis, tot de vrijheid der KINDEREN VAN GOD. Want wij weten dat de ganse schepping [alles] samen zucht en samen als in barensnood is tot nu toe. En niet alleen de schepping, maar ook wijzelf [Christenen] die de eerstelingen van de Geest hebben [de WEINIGEN die nu geroepen zijn], wij ook zelf, zeg ik, zuchten in onszelf, verwachtende de aanneming [geboorte] tot zonen” (Rom. 8:19-23).
Alle toekomstige “zonen van God” zullen bevrijders worden van de schepping die nu in slavernij verkeert, en waarvan wordt voorspeld dat het nog veel erger wordt. Een gehavende aarde die nu in verval is, de zon, de maan en de sterren – het universum! – zullen spoedig vernieuwd worden en teruggebracht tot hun staat van schoonheid, harmonie en rust onder het leiderschap van Christus en de opgestane heiligen.
“Vele kinderen tot heerlijkheid leidende”
Gaan we nu verder met dit allerbelangrijkste verslag in Hebreeën 2. “Maar wij zien Jezus met heerlijkheid en eer bekroond, Die een weinig minder dan de engelen geworden was, vanwege het lijden des doods, opdat Hij door de genade van God voor allen de dood smaken zou. Want het betaamde Hem, om Wie alle dingen zijn, en door Wie alle dingen zijn, dat Hij, VELE KINDEREN TOT DE HEERLIJKHEID LEIDENDE, de overste Leidsman hunner zaligheid [behoud, redding] door lijden zou heiligen” (verzen 9-10).
Deze passage openbaart het duizelingwekkende potentieel dat voor alle Christenen werd voorzien. Paulus openbaart dat, wanneer Christus terugkomt, “VELE KINDEREN” [Zonen] “tot de heerlijkheid” worden geleid door de “overste Leidsman” (vers 10).
Vers 11 stelt dat Christus “Zich niet schaamt hen [de vele andere zonen – wij] broeders te noemen”. Dat zijn allen bij wie Christus de “eerstgeborene” wordt genoemd. Waarlijk, de verwekte persoon wordt geroepen tot “heerlijkheid” en is een van de “vele zonen”. Het is Christus’ lijden en offer dat het Hem mogelijk maakt de “Leidsman van hun behoud” te zijn – en potentieel uw behoud!
Wat een ongelooflijke toekomst voor hen die Christus “broeders noemt”. Let nu op het laatste vers: “Want èn Hij Die heiligt èn zij die geheiligd worden zijn allen uit één; om welke oorzaak Hij Zich niet schaamt hen broeders te noemen” (vers 11). Christus en de heiligen delen hetzelfde behoud.
Dit vers toont dat Christenen “geheiligd” zijn (apart gezet). Hoe? Johannes stelt: Heilig ze [verwekte Christenen] in Uw waarheid: UW WOORD IS DE WAARHEID” (Joh. 17:17).
De geliefkoosde tradities en fabels van mensen over het leven na de dood en andere punten, stuiken ineen bij nauwkeurig onderzoek. Christenen die uit een misleide, verwarde wereld kwamen, zijn apart gezet door de WAARHEID!
Als Christus “Zich niet schaamt hen (ons) broeders te noemen”, dan moeten wij – God’s verwekte zonen – niet beschaamd zijn uitgerekend die waarheid die ons heiligt te verdedigen – en de waarheid van het evangelie (Filipp. 1:17). Wij moeten “opgroeien” tot Christus (Ef. 4:13) en vasthouden aan de ware doctrines van God. Wij moeten KWALIFICEREN om op een dag naast Christus te staan over “alle dingen”. Wat zou wondermooier kunnen zijn – GLORIERIJKER! – voor een Christen om naar uit te kijken?
Christus keert weer
Matheüs 24:27 stelt dat, wanneer Christus terugkeert, Zijn komst wordt als een bliksem van oost naar west. Het zal een wereldschokkend gebeuren zijn, onmogelijk te missen.
Daniël sprak over Christus’ komst in “de wolken des hemels” (7:13). Alvorens terug te keren, geeft God Hem officieel de AUTORITEIT om de wereld te regeren. Aan de heiligen kan geen autoriteit met Christus gegeven worden tot Hem eerst autoriteit werd overgedragen. Alleen dan kan Hij macht aan anderen geven. Merk op: “En Hem [Christus] werd GEGEVEN heerschappij en eer en het KONINKRIJK, dat Hem alle volken en natiën en tongen eren zouden; Zijn heerschappij is een eeuwige heerschappij die niet vergaan zal, en Zijn KONINKRIJK zal niet verdorven [verwoest] worden” (vers 14).
Niet te verwonderen dat Christus stelt: “En die overwint, en die Mijn werken tot het einde toe bewaart, Ik zal hem macht geven over de heidenen; En hij zal ze hoeden met een ijzeren staf; zij zullen als pottenbakkersvaten vermorzeld worden; gelijk ook Ik van Mijn Vader ontvangen heb” (Openb. 2:26-27). En een paar verzen later: “Die overwint, Ik zal hem geven met Mij te zitten in Mijn troon…” (3:21). Wanneer Christus terugkomt, zullen de heiligen met Hem regeren!
Maar de verantwoordelijkheid van een Christen in dit leven is te KWALIFICEREN om deel uit te maken van God’s koninkrijk.
Gaat u er bij zijn?
Uw ontzagwekkende toekomst
Wat nu volgt is Herbert W. Armstrong’s besluit in zijn boekje Your Awesome Future – How Religion Deceives You:
“Bij Zijn terugkeer naar de aarde in macht en majesteit zullen zij die bekeerd waren en God’s Heilige Geest ontvingen via een opstanding geboren worden in de God Familie. Dan zal het hele universum onderworpen worden ONDER hen!
“Dan zullen wij (Romeinen 8) als wij geleid worden door de Heilige Geest van God, opgewekt worden tot Geest en onsterfelijkheid in de God Familie – zoals ook Christus in het jaar 31 werd opgewekt bij Zijn opstanding.
“Nu opnieuw vanaf vers 19: ‘Want de schepping, als met opgestoken hoofde [reikhalzend], verwacht de openbaring van de kinderen van God’. Dit zal gebeuren op het moment van de opstanding, wanneer mensen – door een opstanding onmiddellijk veranderd van sterfelijk vlees naar onsterfelijke Geest – zonen van God worden.
“Nu, begrijp dit asjeblieft. Waarom zou het hele universum – de schepping – reikhalzend uitkijken naar de geboorte en opkomst van al deze zonen van God, om geboren te worden in de Familie van God? De volgende verzen portretteren een universum vol planeten in verval en doelloosheid – nu nog onderworpen aan een doodse staat in hoop! ‘Want de hele schepping [het universum nu niet in staat om leven te herbergen] zal vrijgemaakt worden van de dienstbaarheid der verderfenis, tot de vrijheid der heerlijkheid van de kinderen van God…’
“Deze Bijbelpassage wijst exact op wat alle astronomen en wetenschappelijke bevindingen aantonen – de zonnen zijn vuurbollen die licht en warmte uitstralen; maar de planeten – de aarde uitgezonderd – verkeren in een staat van dood, verval en doelloosheid. Wel niet voor altijd, maar wachtend tot bekeerde mensen als kinderen van God GEBOREN worden; geboren in de eigenste Goddelijke Familie van God, die dan het Koninkrijk van God vormen.
“Jezus’ evangelie was het Koninkrijk van God. Christus’ evangelie van het Koninkrijk van God omvat al de hier onthulde kennis – zelfs het hele universum gaat bestuurd worden door ons, die met God de Vader en Christus het Koninkrijk van God worden.
“God is eerst en vooral Schepper, maar God is ook Regeerder. En Hij is Leraar die kennis openbaart voorbij en buiten het bereik van wat het menselijke verstand uit zichzelf kan begrijpen!
“Breng alle Schriftgedeelten in dit boekje samen, en u begint het ongelooflijk menselijke potentieel te begrijpen. Ons potentieel bestaat erin geboren te worden in de God Familie, en totale macht te ontvangen! Het is de bedoeling dat ons jurisdictie over het hele universum gegeven wordt!
“Wat gaan wij dan doen? Deze Schriftgedeelten wijzen erop dat wij leven gaan schenken aan miljarden dode planeten, zoals ook aan deze aarde het leven gegeven werd. Wij zullen creëren, volgens God’s leiding en instructie. Wij zullen regeren in alle eeuwigheid! Openbaring 21 en 22 tonen dat er geen pijn, geen lijden, geen kwaad meer zal zijn omdat wij God’s weg van het goede zullen geleerd hebben. Het wordt een eeuwig leven van verwezenlijking, het constant vooruitkijken naar superblije anticipaties van nieuw creatieve projecten, en ook het gelukkig en blij terugblikken op realisaties van wat al gerealiseerd werd.
“Wij gaan nooit moe worden en ons nooit vervelen. Altijd levendig – vol blije energie, vol vitaliteit; en bruisend van levenslust, sterkte en kracht!
“Wat ’n potentieel!”
