Wat is echt GELOOF?
DOOR DAVID C. PACK
Waarom zitten de meeste mensen vast in angst en zorgen? Omdat zij geloof missen! Maar wat is geloof? Is geloof positief denken? Een gevoel? Aangesloten zijn bij een kerk? De overtuiging dat Jezus stierf voor uw zonden? Vertrouwen? Hoop? Of is het nog veel méér dan dat? Waarom begrijpen miljoenen mensen dit onderwerp verkeerd? Hier komt het antwoord uit de Bijbel!
De Bijbel stelt dat het “zonder geloof onmogelijk is God te behagen” (Hebr. 11:6). Dit is een ongelooflijke stelling – en toch in de Bijbel! Vat het op zoals het er staat. En denk erover na! Alles wat iemand doet in zijn betrachting een Christen te zijn, betekent absoluut niets als hij geloof mist. Want zonder geloof heeft hij geen hoop – geen mogelijkheid om God te behagen. En zij die God niet behagen zijn vergeefse Christenen. Dit is erg! Sta stil bij uzelf. Hebt u echt geloof? Voldoende voor behoud? Kunt u het weten? Dat kan! Dit boekje zal u uitleggen hoe.
Een gebrek aan echt geloof
In de loop der jaren vroegen mensen me vaak: “Mr. Pack, ik mis geloof. Ik voel niet de aanwezigheid van God of Zijn kracht in mijn leven. Hoe kan ik meer geloof krijgen?”.
Hoe zit het met u? Mist u geloof om te weten dat God bij u is? Om zonde en schuld te overwinnen? Om te worden genezen van ziekte? Om alles in Zijn Woord te geloven? Mist u het geloof dat “alle dingen meewerken ten goede” als u van God houdt (Rom. 8:28)? Om te geloven dat God voor u gaat zorgen? Te geloven dat u zware beproevingen en vervolging kunt doorstaan? Of dat God u daaruit zal bevrijden? Mist u geloof om het komende koninkrijk van God klaarder te zien, en te zien dat u daar in kunt komen?
De Bijbel zegt dat u geen tekort aan geloof hoeft te hebben in geen enkel van deze domeinen. U KUNT echt geloof ontwikkelen. Toch zegt de Bijbel dat de meeste mensen in het tijdperk vlak vóór Christus’ Terugkeer niet genoeg geloof gaan hebben om vertrouwvol aanspraak te maken op elk van deze of van andere beloften uit God’s Woord!
Geloof gevonden als Christus komt?
Deze wereld verkeert in moeilijkheden. De problemen escaleren overal op een planeet die afgesneden is van God. De Terugkeer van Christus is ophanden. Dit gebeurt pas nadat bepaalde catastrofale gebeurtenissen plaatsvonden. Oorlogen, hongersnoden, epidemies van ziekten, religieuze verwarring, economische ontreddering en rampzalige weersomstandigheden zullen de beschaving eerst op haar grondvesten doen daveren.
Toen er sprake was van onze tijd – de laatste generatie vóór Zijn Terugkeer – vroeg Christus: “De Mensenzoon, als Hij komt, zal Hij geloof vinden op de aarde?” (Luk. 18:8). Denk na over de ongelooflijke implicaties van deze vraag! Is het mogelijk dat het ware geloof volledig van de aarde zou verdwenen zijn bij Christus’ Tweede Komst? Christus was in staat vooruit te kijken, tot in onze tijd, en te weten dat er condities zouden ontstaan die dit totale gebrek aan geloof mogelijk maakten – of toch bijna totaal!
Een artikel met als titel “Hongersnood naar God’s Woord” van reporter Wendy Griffith spreekt over de onwetendheid van mensen inzake de Bijbel. Hier is wat zij schreef:
“Het is duidelijk dat vele Amerikanen de Bijbel niet kennen, en een recente studie van George Barna bevestigt dit gegeven.
“Barna’s onderzoek toont aan dat 60 procent van de Amerikanen de helft van de Tien Geboden niet eens kunnen opsommen en dat 63 procent van de Amerikanen niet de namen kennen van de vier evangelies van het Nieuw Testament. Eenentachtig procent geloven dat het gezegde ‘God helpt wie zichzelf helpen’ een rechtstreeks citaat uit de Bijbel is…”
Wat een schande! Wat een verschrikkelijke aanklacht tegen de meest gezegende natie op aarde. En dat is de grootste reden waarom er zo weinig waarachtig geloof zal gevonden worden.
Christus zei evenwel dat Hij Zijn Kerk zou bouwen en Hij beloofde dat die nooit zou vernietigd worden (Math. 16:18). Zijn Kerk – God’s ware Kerk – is waar mensen inderdaad het ware geloof hebben in overeenstemming met de Bijbelse definitie. Daarom zal de aanwezigheid van God’s ware volk op aarde zorgen dat er minstens enkele mensen zullen gevonden worden die geloof hebben wanneer Christus terugkeert. (Lees ons boekje Waar Is de Ware Kerk?).
Noteer Galaten 5:22-23: “Maar de vrucht van de Geest is liefde, blijdschap, vrede, lankmoedigheid, goedertierenheid [vriendelijkheid], goedheid, geloof, zachtmoedigheid, matigheid. Tegen de zodanigen is de wet niet”. We moeten nog een ander belangrijk punt aanstippen in verband met het leven van alle ware Christenen. Echt geloof komt van de Geest van God – het is een vrucht van de Heilige Geest. Niemand kan geloof hebben – of zelfs een ware Christen zijn – zonder God’s Geest.
Maar wat is geloof? God zou zeker niet stellen dat mensen die geloof missen Hem niet kunnen behagen – en dan de echte definitie van geloof achterhouden voor al wie dit wil weten. Vooraleer te onderzoeken wat de Bijbel zegt over echt geloof, moeten we nagaan wat de mensen denken dat het is.
Allerlei namaak
Er bestaan meerdere algemeen verspreide ideeën over geloof. Als u daar aan twijfelt, vraag dan een half dozijn mensen uit te leggen wat geloof is, om u een definitie te geven. Verwacht u aan evenveel verschillende ideeën – waarschijnlijk allemaal verkeerd.
Ik heb vele mensen gekend die menen dat geloof een etherisch “gevoel” is dat niet welomlijnd kan worden. Dat gevoel heeft gewoonlijk geen definitie, structuur, duidelijke doelstelling, en is dan onvermijdelijk iets wat de mensen ervan willen maken of nodig hebben. Met andere woorden, bijna iedereen beschrijft en definieert geloof anders. Het is vreemd hoeveel mensen geloof op die manier bekijken, hoewel de Bijbel nooit iets zei in die aard.
Anderen menen dat geloof een soort “positief denken” is. Het ziet ernaar uit dat, zolang de mensen een optimistische kijk hebben en opgemonterd blijven over gebeurtenissen en omstandigheden, zij geloof aan de dag leggen. Nergens beschrijft de Bijbel geloof met woorden als ‘positief’ en ‘optimistisch’ – hoewel dit beslist goede mentale kwaliteiten zijn.
Andere visies op geloof zijn hoop of vertrouwen. Geen van beide is waar! Hebreeën 10:35 zegt dat vertrouwen belangrijk is. Noteer: “Werpt dan al uw vrijmoedigheid [in het Engels: confidence] niet weg, welke een grote vergelding des loons heeft”. Hoewel deze passage aantoont dat vertrouwen vitaal is voor Christenen, is vertrouwen alléén nog geen geloof. Wat betreft de kwestie of geloof hoop is, stelt 1 Korinthe 13:13: “En nu blijft geloof, hoop en liefde, deze drie; doch de meeste van deze is de liefde”. Als geloof en hoop hetzelfde zijn, waarom worden ze dan afzonderlijk opgesomd? Waarom verwijst God er dan naar als “deze drie”? Vermeld met liefde, zou Hij dan niet gezegd hebben “deze twee”? Het is dan duidelijk dat geloof verschilt van hoop.
Nog anderen menen dat iemands geloof het equivalent is van het kerkgenootschap of de groep waar zij bij aangesloten zijn. Deze beschrijving van geloof is een erge verwatering en niet-Bijbels. Lees Efeze 4:4-5: “Eén lichaam is het, en één Geest, gelijk gij ook geroepen zijt tot één hoop uwer roeping; Eén Here, één geloof, één doop…”. Als geloof een kerkgenootschap is, en er alleen al in de Verenigde Staten méér dan 2.000 verschillende kerken zijn, kan dat niet zomaar “één geloof” zijn. Vanzelfsprekend zou dit idee ook de apostel Paulus in de fout doen lopen. Hij zou dan moeten geschreven hebben dat er “duizenden geloven” zijn.
Hou in gedachten dat u zopas in uw Bijbel las dat er maar één soort geloof is! We gaan vlug nagaan of de Bijbel uitgerekend dat ene soort geloof definieert, of dat het aan de mensen wordt overgelaten de betekenis ervan te raden.
Het laatste en mogelijk meest verspreide idee is de algemene overtuiging dat Jezus stierf voor uw zonden. Zoals bij het idee dat geloof een gevoel is, wordt de uitbreiding van het “persoonlijke” geloof van mensen in het offer van Christus de beslissende factor in hoe elke belijdende Christen ervoor kiest geloof te definiëren. We gaan beslist zien dat de ware definitie van geloof [faith] deze belangrijke geloofsovertuiging [belief] impliceert. Er bestaat geen twijfel over dat, als iemand het meest elementaire begrip dat Christus stierf voor zijn of haar zonden niet gelooft [believe], deze persoon dan geen reddend geloof [saving faith] heeft. Herinner u dat het zonder geloof onmogelijk is om God te behagen, en dat als iemand twijfelt dat Christus stierf voor zijn zonden, hij God zeker niet behaagt en niet zal gered worden! Geloven [believe] dat Christus stierf voor uw zonden, is een richting – een avenue – naar geloof [faith], maar is nog geen geloof [faith]!
Wat geloof is
Nu is het tijd voor de meest fundamentele vraag in dit boekje. Geeft de Bijbel een exacte definitie van geloof? Vermits er staat dat er één geloof is, wordt er dan ook echt een definitie gegeven van dat geloof? Is er een plaats waar de Bijbel zegt: “Geloof is…” met een daarop volgende definitie? Zo ja, waar is dat, en wat staat er dan?
Hebreeën 11 wordt vaak het “geloofshoofdstuk” genoemd. Daarin worden velen van God’s grootste dienstknechten beschreven, en ook hoe hun geloof hen in staat stelde grootse daden en mirakels te verrichten, of zware beproevingen te doorstaan. Dit lange hoofdstuk is heel inspirerend, en al wie echt geloof wil hebben zou dit geregeld moeten lezen. Tientallen keren komt het woord geloof er in voort. In vers 2 staat: “Want daardoor [geloof] hebben de ouden [deze Bijbelse figuren] getuigenis [een goed rapport] verkregen”.
Hoe zouden zij een “goed rapport” verkregen hebben als zij niet hadden begrepen wat geloof is? Nu komt God’s definitie, in vers 1: “Het geloof is nu een vaste grond der dingen die men hoopt, en een bewijs der zaken die men niet ziet”. Merkte u op dat geloof een “bewijs” inhoudt van dingen die “niet gezien” worden? Vaste grond [in het Engels: “substance” = de hoofdzaak, de ‘fond’ van de dingen, het diepere wezen] betekent op de rand “verzekering”. Geloof impliceert een VERZEKERDHEID van “dingen die men hoopt”. Maar, als op iets wordt gehoopt, is dat iets nog niet verkregen. Daarom, als er geloof bij betrokken is, dan is er de VERZEKERDHEID dat dit zal verkregen worden!
Maar hoe kan bewijs gekoppeld worden aan iets dat niet gezien wordt? Denken we bij een bewijs niet eerder aan dingen die te zien zijn?
In de rechtszaal is een bewijs iets wat kan bewezen worden. Dit impliceert feiten die zichtbaar zijn voor een jury. Met andere woorden, alleen dingen die kunnen gezien worden of aangetoond, vormen een bewijs. Hoe kan geloof dan een bewijs impliceren dat onzichtbaar is – niet gezien?
Geloof impliceert bewijs op de volgende manier. Echt geloof [faith] in elke belofte door God gegeven, is feitelijk het bewijs. Het is het geloof [believe] dat het bewijs is. Als God iets belooft te doen, is het voor Hem onmogelijk te liegen (Hebr. 6:18). Uw bewijs dat Hij het zal volbrengen is het onwrikbare geloof dat u vasthoudt. Begrijpt u dit? Hou Hebreeën 11:1 voor ogen: “Het geloof is…het bewijs”. Als u waarachtig christelijk geloof hebt, dan hoeft u niet te zoeken naar het bewijs…u hebt het al!
De doctrine van geloof
We lazen de Bijbelse definitie van geloof, maar geloof is ook een doctrine. Noteer: “Het beginsel van de leer [doctrine] van Christus…van het geloof in God…” (Hebr. 6:1). Geloof wordt altijd beoefend ten opzichte van God, maar het is Christus die dit mogelijk maakt.
Geloof is iets wat Christus leert – vandaar dat de Bijbel dit “de leer van Christus” noemt. U beseft nu al dat het voor alle Christenen belangrijk is te begrijpen wat geloof is. U hoeft daarover niet in de war te zijn, al zijn de mensen rondom u dat wel. We moeten dat misverstand en die misleiding inzake geloof uitschakelen.
Misschien zal Christus wanneer Hij terugkeert echt geloof vinden in u!
Over elke doctrine van God bestaan er eindeloze ideeën waar mensen mee jongleren. De Bijbel legt uit wat God zegt en denkt over Zijn doctrines. Als een doctrine van God komt en van Hem is, moeten wij onderzoeken wat HIJ erover zegt. U moet zich nooit druk maken over opinies van mensen. Verder zal dit boekje de ware Bijbelse leer uitleggen over de doctrine van geloof/vertrouwen [faith] in God. Bereid u voor op verrassingen!
Niet de vijf zintuigen
Bijna iedereen meent dat er bij geloof gevoelens betrokken zijn. Maar fysieke gevoelens komen van de menselijke zinnen en hebben hoedanook niets te maken met God – of met geloof!
Mensen aanvaarden kennis die ze verkregen door vijf zintuigen – zien, horen, ruiken, tasten en proeven. Deze zintuigen impliceren fysieke informatie – fysieke kennis. Het brein ontvangt en verwerkt deze informatie om daaruit conclusies te trekken in verband met de omstandigheden, elementen en gebeurtenissen rondom. Geloof is geestelijk, niet fysiek. Het is een vertrouwvolle verzekerdheid [confident assurance] afkomstig van God’s Geest, in het hoofd van een bekeerde mens.
Zoveel mensen missen tegenwoordig de sterkte – de KRACHT – om te geloven dat God de beloften vervat in Zijn Woord gaat voltrekken. Hij lijkt veraf, vaag en etherisch voor miljarden mensen die vastzitten in een materialistische wereld. De overgrote meerderheid heeft geen tijd voor God. Er lijkt geen ruimte voor gebed, Bijbelstudie, vasten en meditatie. Al deze zaken brengen ons dichter bij God. De meesten geven pogingen daartoe op en vragen zich dan af waarom zij geen geloof hebben! Voor leiding kunnen zij dan noodgedwongen alleen nog maar vertrouwen op hun vijf zintuigen. De meeste mensen hebben de indruk dat alles afkomstig van een andere bron dan die vijf zintuigen niet te vertrouwen is.
Niemand zou zijn of haar fysieke gezichtsvermogen ooit willen verliezen. Er zou beslist niemand aan denken een auto te besturen als hij blind was. Maar overweeg dan nu het volgende vers: “WANT WIJ WANDELEN DOOR GELOOF en niet door aanschouwen” (2 Kor. 5:7). Waarachtig geloof in praktijk brengen betekent geringschatten wat u ziet. Letterlijk telt het zicht niet mee in verband met wat God beloofde te doen of wanneer Hij het zal doen!
Dit vers maakt duidelijk dat Christenen niet wandelen op basis van wat zij zien!
Overdenk dit voorbeeld op de volgende manier. Juist zoals u er nooit aan zou denken auto te rijden ZONDER TE ZIEN, is het een Christen niet toegestaan door het leven te wandelen OP HET ZIEN! Dat is geen principe dat mensen leren van de ene dag op de andere. Het concept alleen al van dit soort geestelijk begrip is eigenaardig – TOTAAL VREEMD – aan het menselijk denken. Het afleren van het verkeerde idee over geloof vraagt een levenslange beoefening.
Gebed, studie, vasten en meditatie zijn geestelijke activiteiten. God is Geest, en Christus verklaarde dat Christenen “die Hem [de Vader] aanbidden, Hem moeten aanbidden in geest en waarheid” (Joh. 4:24). Vanzelfsprekend kunnen mensen die de waarheid van alle andere doctrines van God niet KENNEN onmogelijk God “in waarheid” aanbidden. Zij kunnen ernaar streven God te aanbidden “in geest” maar het is onmogelijk Hem te aanbidden in waarheid als zij dat doen in onwetendheid over vele cruciale Bijbelse waarheden. Nochtans, wat ons opzet hier betreft, zal minstens al wie dit boekje leest voortaan niet langer onwetend zijn over de waarheid inzake de doctrine van GELOOF – en hoe dit geloof verband houdt met het aanbidden van God in geest.
Velen vragen zich af waarom zij nooit genezen werden – of waarom hun gebeden niet verhoord worden. Zij vragen zich af waarom zij niet gezegend worden, en niet door God bevrijd wanneer het nodig is. Zij missen geloof dat komt van de Geest van God. Als zij geloof hadden, dan zouden zij het bewijs hebben – de verzekerdheid – de overtuiging – dat zij genezen, bevrijd zouden worden of hun gebeden beantwoord! Zij zouden WETEN dat die zaken er aan komen, vóór hun aankomst!
Christus had echt geloof
We zagen al dat geloof een vrucht van God’s Geest is. Uiteraard had Christus geweldig veel geloof. Vol van God’s Geest die Hij had van bij de conceptie, was Christus de meest bekeerde Persoon die ooit leefde. Dat gaf Hem geweldig inzicht in het belang en de kracht van God’s Geest. Daarom zei Hij: “Ik kan van Mijzelf niets doen” (Joh. 5:30)! Hij wist dat “de Vader Die in Mij blijft, Die doet de werken” (Joh. 14:10).
Het was door de kracht van God’s Geest in Hem dat Christus alles bewerkstelligde wat Hij deed. Hij begreep volledig dat het alleen de aanwezigheid van de Geest van God in Zich Hem ertoe in staat stelde mirakels te verrichten. Door de Heilige Geest bracht Hij de vrucht van geloof perfect in praktijk. Ongetwijfeld gaf God Hem de extra gave van geloof (1 Kor. 12:1, 7-9) die Hij zou nodig hebben om alles te doorstaan waar Hij doorheen moest door Zich te offeren als Redder van de wereld.
In Johannes 14 zei Christus: “Die in Mij gelooft, de werken die Ik doe, zal hij ook doen, en zal meerder doen dan deze” (vers 12). Al de apostelen, evangelisten en anderen (zelfs met inbegrip van diakens) verrichten machtige mirakels na Christus’ Opstanding en de start van de Nieuw Testamentische Kerk. Dit staat opgetekend in de Bijbel. Door de kracht van echt geloof kunnen gewone mensen verbazende dingen doen.
Maar kunt u hetzelfde soort geloof hebben als dat van Christus – of van de apostelen? Hebben Christenen vandaag een ander soort geloof?
Het geloof VAN Christus
Welk soort geloof verwacht God dat u hebt? De meeste mensen denken dat zij geloof moeten “opwerken” door menselijke inspanning. Zij zien geloof als iets van binnenuit waar zij zelf aan kunnen geraken door hun eigen WIL. Dit is een verschrikkelijk verkeerde opvatting, en de Bijbel zegt het ook duidelijk zo. Beseft u dat u exact hetzelfde geloof kunt hebben als Christus had? U kùnt het niet alleen – u MOET het hebben!
Noteer: “Wetende dat de mens niet gerechtvaardigd wordt…maar door het geloof VAN Jezus Christus, zo hebben wij ook in Christus Jezus geloofd, opdat wij zouden gerechtvaardigd worden uit het geloof VAN Christus” (Gal. 2:16). Dit is een uiterst belangrijk vers. Het differentieert twee vitale punten. Ten eerste stelt het dat “wij geloven in Jezus Christus” – dat is iets wat wij doen. Ten tweede is het dit geloof VAN Christus – Christus’ eigen geloof in ons – dat ons rechtvaardigt (ons rechtvaardig maakt). De meeste mensen krijgen daar nooit een juist begrip van. Geloof [faith] begint met menselijk geloof [belief], maar moet dan vlug plaats maken voor echt geloof [faith] VAN Christus, dat in een persoon komt op het moment van de doop en de bekering, bij het ontvangen van God’s Heilige Geest.
De Bijbel beschrijft een bepaald tijdelijk menselijk geloof dat vele mensen hebben. Toen Christus, in het Nieuw Testament, mensen genas, was niemand van hen bekeerd. Toch zei Hij hen soms “uw geloof heeft u behouden” (Math. 9:22 of “u geschiede naar uw geloof” (vers 29). Deze mensen misten God’s Geest maar hadden wel tijdelijk menselijk geloof dat Christus toeliet hen te genezen.
Het is deze groei VAN menselijk geloof NAAR het geloof van Christus waar Paulus naar verwijst wanneer hij zegt dat “de rechtvaardigheid van God wordt geopenbaard uit geloof [menselijk] tot geloof [van Christus in ons]” (Rom. 1:17). Als er geen menselijk geloof en het geloof van Christus in ons was, hoe zouden de mensen dan van “van geloof naar geloof” gaan? Als iemand in een kamer is, kan die persoon niet naar een andere kamer gaan en toch nog in diezelfde kamer zijn. Ziet u dit punt? Hetzelfde geldt voor geloof. Menselijk geloof is als een kleine kamer die ware Christenen moeten verlaten om de grote kamer in te gaan, de kamer van Christus’ geloof dat werkzaam is in hen.
Menselijk geloof schommelt constant, en gaat op en neer volgens hoe een mens zich voelt op het moment zelf. Het is als een roetsjbaan. Als de gebeurtenissen positief lijken of er goed uitzien, gaat het menselijk geloof de hoogte in. Als de zaken er slecht uitzien en er sombere vooruitzichten zijn, is het menselijk geloof meteen weg. God’s geloof is permanent en schommelt niet. God verwacht dat iedereen die naar Hem toe komt in gebed, om iets te vragen, “niet twijfelt”. Hij beschouwt hen die twijfelen als onstandvastig in alles wat zij doen, en zegt dat zij niets van Hem zullen ontvangen (Jak. 1:6-8).
De Bijbel bevat beloften
Telkens als u blijk geeft van geloof in God, volgt een specifieke belofte. Die belofte kan genezing impliceren, een gebedsverhoring, het ontvangen van zegeningen (Jak. 1:4-8), bevrijding uit een beproeving, leiding bij een moeilijke beslissing en – het belangrijkste van al – het ontvangen van behoud. In elk geval impliceert geloof aanspraak maken op een specifieke belofte vanwege God. We zullen zien hoe belangrijk het is Zijn Woord te onderzoeken om deze beloften te vinden.
Neem dit in overweging! Paul schreef: “Bovenal aangenomen hebbende het SCHILD van het geloof, waarmee gij al de vurige pijlen van de boze zult kunnen uitblussen” (Ef. 6:16). En merk nu op: “Alle rede [woord] van God is doorlouterd [zuiver]; Hij is een SCHILD voor hen die op Hem betrouwen. Doe niet tot Zijn woorden [voeg niet toe], opdat Hij u niet bestraffe, en gij leugenachtig bevonden wordt” (Spr. 30:5-6).
Deze twee verzen samengebracht tonen dat God, door geloof, een SCHILD wordt voor al wie exact vertrouwt wat de Bijbel zegt. Zijn Woord te betwijfelen of te veranderen in gelijk welke zin, is God een LEUGENAAR noemen! Dat is erg! Begrijp dat. Als God een belofte maakt, houdt Hij die. Mensen kunnen hun beloften breken, maar God doet dat niet. Als Hij u zegt dat Hij iets voor u gaat doen, als u beantwoordt aan bepaalde voorwaarden, zal Hij Zijn belofte uitvoeren. U hebt het geloof als een verzekering dat Hij het zal doen. Zichzelf geloof inhameren is onnozel. Dit suggereert dat u betwijfelt of God Zijn deel zal doen nadat u het uwe gedaan hebt. Geloof is relax, is kalm, is zeker. Terwijl de meeste mensen in grote twijfel verkeren, is de persoon die geleid wordt door geloof vertrouwvol dat God de finale uitkomst van de zaak leidt.
Wanneer u aanspraak maakt op een belofte, verwacht dan dat die wordt uitgevoerd door God. Probeer niet uit te knobbelen wanneer of hoe Hij dat zal doen. Ik heb twee dingen geleerd inzake verhoorde gebeden. Ten eerste, God beantwoordt altijd mijn gebeden als ik Zijn Wil nastreef. Ten tweede, Hij beantwoordt ze bijna nooit op de manier die ik verwacht. Dat is waarom wandelen door geloof geen zicht kan insluiten. “Uitkijken” naar God om gebeden te verhoren op een bepaalde manier of in een bepaald tijdskader, is een verspilling van energie. Bovendien is het veel belangrijker dat God onze gebeden beantwoordt en Zijn beloften voltrekt, dan HOE Hij het doet! In elk geval kent Hij altijd het beste ogenblik en de beste manier waarop.
Zoek altijd God’s Wil
Er kan geen aanspraak op een belofte van God worden gemaakt tenzij u leerde wat de belofte is. God beloofde bepaalde zaken en beloofde andere niet. Daarom is de enige manier om te weten of Hij aldanniet een specifieke belofte deed, voortdurend Zijn Woord te bestuderen.
Vraag u over alles altijd af: “Wat zegt de Bijbel?”.
Paulus schreef: “Beproef welke de goede, en welbehagelijke en volmaakte wil van God is” (Rom. 12:2). Beproeven impliceert studie. Studie impliceert inspanning. Dan brengt de kennis van God’s beloften vertrouwen aan hen die erom bidden. God verlangt er naar mensen te zegenen, maar Hij kan dat niet doen als mensen onwetend zijn over wat Hij wil doen. Paulus schreef: “Daarom, weest niet onverstandig, maar verstaat welke de wil des Heren is” (Ef. 5:17). Laten we dat onder ogen zien. Het is voor mensen vreselijk “onverstandig” te leven in onwetendheid over God’s beloften. Waarom? Omdat zij zichzelf afsnijden van zo veel dat Hij voor hen zou willen doen! Daarom hoeft u zich niet af te vragen wat God’s wil is. Zijn Woord zegt het u over elk belangrijk facet van uw leven. (Neem even de tijd om 2 Timotheüs 3:14-17 te lezen). Maar dat is niet de enige voorwaarde voor geloof.
Geloof stelt andere voorwaarden
Zoals we zagen geloven [believe] de meeste mensen dat het enige soort “geloof” [faith] nodig voor behoud, “gewoon geloven” [just believe] is. Vaak wordt geciteerd: “Indien gij met uw mond zult belijden…en met uw hart geloven…zo zult gij zalig worden” en “Een ieder die in Hem gelooft, die zal niet beschaamd worden” (Rom. 10:9, 13). Maar is dat alles wat nodig is om behoud te ontvangen? Kan het echt zo gemakkelijk zijn? Zo ja, dan zou de Bijbel maar uit twee verzen moeten bestaan. De rest van de Bijbel wordt dan overbodig en kan weggelaten worden!
Het is verbijsterend hoe miljoenen mensen zich tevreden stellen met het aanvaarden van een flagrante verdraaiing van de Bijbel om een “christendom” van eigen verzinsel na te volgen. Petrus schreef: “Geen profetie der Schrift is van eigen uitlegging” (2 Petr. 1:20), en dit geldt voor elke Bijbelse doctrine (Jes. 28:9-10). Al de Schriftgedeelten met betrekking tot gelijk welk onderwerp moeten samengebracht worden om het volledige beeld te bekomen. Er “lievelingsverzen” uitpikken en die dan uit de context halen, voert naar misleiding, verwarring en volslagen onwetendheid.
Wat dan met de wet, zonde, genade, geloof en werken? Hoe werken die samen? Stellen die eisen aan hen die echt geloof [faith] aan de dag leggen? Volstaat geloof alléén voor alles? Of moeten Christenen God gehoorzamen? Zijn er werken gekoppeld aan behoud? De meeste mensen menen dat het antwoord op de laatste twee vragen “nee” is. Zij willen geloven dat Christus “stierf voor hun zonden” en dat zij gered zijn door “geloof alleen” zonder iets te doen aan zonde in hun leven. De menselijke natuur wil God niet gehoorzamen (Rom. 8:7). Toch onderwees Paulus: “Want de HOORDERS der wet zijn niet rechtvaardig voor God, maar de DADERS der wet zullen gerechtvaardigd worden” (Rom. 2:13).
Als de wet is afgeschaft, kan niemand schuldig zijn aan zonde. Maar Romeinen 3:23 stelt: “Want zij hebben allen gezondigd…”. Hoe is dat mogelijk als er geen wet moet nageleefd worden? Diverse punten moeten zorgvuldig overwogen worden. 1 Johannes 3:4 stelt: “Zonde is de ongerechtigheid [in het Engels: zonde is overtreding van de wet]”. Alle belijdende Christenen zijn zeker bereid te erkennen dat Christus “stierf voor hun zonden”. Maar zij blijven aannemen dat, omdat Christus stierf voor hun vroegere zonden, zij zich niet langer zorgen hoeven te maken over hun toekomstige. Dit is een belachelijk argument. Toch werd dit inderdaad door honderden miljoenen belijdende Christenen ingeslikt, al bijna 2.000 jaar lang.
Overdenk nu Efeze 2:8-9: “Want uit genade zijt gij zalig geworden door het geloof; en dat niet uit u, het is gave van God; Niet uit de werken, opdat niemand roeme”. Mensen citeren dit vers graag. Zoals ook Romeinen 3:20: “Daarom zal uit de werken der wet geen vlees gerechtvaardigd worden, voor Hem…”. Weinigen zijn bereid ook de volgende zin te lezen in Romeinen: “Want door de wet is de kennis der zonde”. We kunnen dan de vraag stellen: Wat zou dan het de bedoeling zijn een wet te hebben zonder die na te leven? Zou de enige bedoeling dan zijn aan te tonen dat ze die gerust mogen overtreden zonder zich zorgen te maken omdat Christus “stierf voor hun zonden”?
De bedoeling van de wet was nooit om zonden te vergeven of rechtvaardiging te brengen. (Dat kan geen enkele wet). Daar was het bloed van Christus voor nodig – en daarom heeft de mensheid een Redder nodig. Het doel van de wet is het aanwijzen van zonde!
Denk aan het gevangeniswezen in de meeste landen ter wereld. Veroordeelde misdadigers wordt soms gratie verleend of hun vonnis omgezet. Anderen mogen voorwaardelijk vervroegd vrijkomen. Worden deze mensen dan gepardonneerd en vrijgelaten met het idee dat zij opnieuw in de maatschappij komen en EXACT DEZELFDE CRIMINELE FEITEN plegen die hen in de gevangenis deden belanden? Natuurlijk niet!
Het idee op zich is al absurd. De politie zou hen gewoon opnieuw arresteren en ze weer opsluiten – waarschijnlijk nog zwaarder gevonnist! Hoe kunnen Christenen dan geloven dat het oordeel van de grote God van het universum minder gerechtigheid zou vereisten met Zijn Wet dan fysieke, burgerlijke overheden doen met hun wetten? Het beledigt God te suggereren dat Hij Zijn Zoon zou geven voor de geestelijke misdaden (zonden) van mensen, alleen maar om ze te zien verder gaan in precies deze dingen die Christus’ dood vereisten.
Wat een miezerige menselijke logica!
De misleiding te geloven dat vergiffenis, door Christus’ bloed, het de mensen toelaat de wet klakkeloos te overtreden, is hypocrisie. Dat is niet enkel een belediging voor God en de intelligentie van Zijn Meesterplan, maar negeert ook het volgende uitgebreide Schriftgedeelte in Jakobus 2. Deze duidelijke verzen leggen uit hoe de wet, zonde, geloof en werken ineen passen.
Denk goed na over deze langere passage. “Wat nuttigheid is het, mijn broeders, indien iemand zegt dat hij het geloof heeft, en hij heeft de werken niet? Kan dit geloof hem zaligmaken?..Alzo ook het geloof indien het de werken niet heeft, is bij zichzelf dood…Ik zal u uit mijn werken mijn geloof tonen. Gij gelooft dat God een enig God is; gij doet wel; de duivelen [demonen] geloven het ook, en zij sidderen. Maar wilt gij weten, o ijdel mens, dat het geloof zonder de werken dood is? Abraham, onze vader, is hij niet uit de werken gerechtvaardigd toen hij Izak, zijn zoon, geofferd heeft op het altaar? Ziet gij wel dat het geloof mede gewerkt heeft met zijn werken, en het geloof volmaakt is geweest uit de werken?..Ziet gij dan nu dat een mens uit de werken gerechtvaardigd wordt, en niet alleen uit het geloof?” (verzen 14, 17-22, 24).
Zoals de demonen zijn er vele mensen die geloven dat God bestaat. Maar diezelfde mensen sidderen niet bij het bestaan van God – wat zelfs de demonen doen!
Herinner u dat wij nooit iets moeten “toevoegen aan God’s Woord”, omdat “elk woord zuiver is”. God zegt wat Hij bedoelt en bedoelt wat Hij zegt. De bovenstaande verzen leren niet dat werken ons gaan redden. Ze leren wel dat geloof moet samengaan met werken. Dat is wat Paulus bedoelde toen hij vroeg: “Wat dan? Zullen wij zondigen, omdat gij niet zijt onder de wet, maar onder de genade? Dat zij verre [in het Engels: GOD FORBID]” (Rom. 6:15).
Wat dan met genade, geloof en werken? Hoe werken die samen? Noteer opnieuw: “Zullen wij in de zonde [wetsovertreding] blijven, opdat de genade te meerder worde? DAT ZIJ VERRE [God forbid]. Wij, die aan de zonde gestorven zijn, hoe zullen wij nog in haar leven?” (Rom. 6:1-2). Het antwoord op Paulus’ retorische vraag is duidelijk. Dat kunnen we niet doen. Noteer tenslotte wat de Bijbel vraag: “Doen wij dan de wet teniet door het geloof?”. En de Bijbel geeft zelf het antwoord. “DAT ZIJ VERRE” [God forbid]; maar wij BEVESTIGEN DE WET” (Rom. 3:31). De dienaars van deze wereld kunnen dan wel toelaten God’s Wet te overtreden – gewoonlijk omdat zij een salaris willen uitbetaald krijgen van hun genootschap – maar GOD VERBIEDT wetsovertreding!
De duivel wil God’s Wet niet gehoorzamen omdat hij die haat. “Zijn dienaars” willen dat ook niet (2 Kor. 11:13-15). Zij negeren opzettelijk deze en andere verzen. Zij misleiden mensen die bereid blijken te zijn hun oppervlakkige argumenten in te slikken – argumenten die onwetend zijn over de VOLLE WAARHEID van de Bijbel.
Paulus onderwees dat God’s Wet heilig, rechtvaardig, goed en geestelijk is (Rom. 7:12, 14). Die geldt eeuwig (Ps. 111:7-8) en is volmaakt (Ps. 19:8). Jakobus noemt de Tien Geboden “de koninklijke wet…der vrijheid” (Jak. 2:8-12). Christus zei dat die nooit zal worden afgeschaft (Math. 5:17-19). Misleidende bedriegers onderwijzen dat Christenen zich moeten toespitsen op “gewoon maar liefde hebben” terwijl ze duidelijke Schriftgedeelten negeren – zoals Romeinen 13:10: “Liefde is de vervulling van de wet”. (Zie ook 1 Joh. 5:1-3). Niet te verwonderen dat de apostel Johannes zegt dat al wie beweert “Hem [Christus] te kennen, en Zijn geboden niet bewaart, een LEUGENAAR is, en in hem is de waarheid niet” (1 Joh. 2:4).
Straffe taal! Ik heb vele mensen gekend die beweerden Christus te kennen maar de geboden niet hielden. We zien nu hoe God hen bekijkt.
Het vraagt geloof in Christus voor de Christen om in staat te zijn God’s Wet te houden. Denk eraan dat Christus zei dat Hij uit Zichzelf “niets” kon doen, en dat de Vader de werken in Hem deed. Christus hield de Wet perfect, en een Christen “volgt Zijn voetstappen na” (1 Petr. 2:21).
Christus onderwees de Wet na te leven
Met God’s hulp bent u in staat de geboden te houden. Laat nooit toe dat iemand u het tegendeel vertelt.
Nooit leerde Jezus dat de mensen gewoon maar moesten “geloven in Hem” om behoud te ontvangen. Toen een jongeman Hem vroeg wat hij moest doen om “eeuwig leven” – behoud – te hebben, zei Christus hem: “Wilt gij in het leven ingaan, ONDERHOUD DE GEBODEN”.
Door dit te horen waren de discipelen geschokt. Zij begrepen niet hoe dat mogelijk was, en vroegen: “Wie kan dan zalig [gered] worden?”. Christus antwoordde: “Bij de mensen is dat onmogelijk, maar bij God zijn alle dingen mogelijk” (Math. 19:17, 25-26). U kunt God’s Wet niet houden, maar CHRISTUS IN U KAN DAT WEL – als u waarachtig, levend geloof hebt!
God geeft Zijn Geest enkel aan wie Hem gehoorzamen (Hand. 5:32). Gehoorzaamheid aan God wordt voorafgegaan door berouw/bekering en doop. De Heilige Geest wordt gegeven nadat de persoon zich afkeert van het overtreden van God’s Wet (Hand. 2:38).
Christus zei: “Doch tevergeefs eren zij Mij, lerende leringen [doctrines] die geboden van mensen zijn; Want nalatende het gebod van God, houdt gij de inzettingen der mensen” (Mark. 7:7-8). Besefte u dat het mogelijk is Christus tevergeefs te eren – dat het mogelijk is aan Hem te denken, over Hem te praten en Zijn naam veelvuldig te gebruiken, en dat toch allemaal TEVERGEEFS doen!
Noteer: “Niet een ieder die tot Mij zegt: Here, Here! zal ingaan in het Koninkrijk der hemelen [“van de” niet “in de” hemel]; maar die daar doet de WIL van Mijn Vader Die in de hemelen is” (Math. 7:21). Denk eraan, het zijn de DOENERS van de wet die gerechtvaardigd zullen worden.
De “strijd van het geloof”
Paulus zei Timotheüs: “Strijd de goede strijd van het geloof, grijp naar het eeuwige leven” (1 Tim. 6:12). Geloof [faith] is méér dan een strijd. Het is een oorlog die alle Christenen hun hele leven lang te voeren hebben! En het is geen gemakkelijke oorlog, gewonnen met een triomf in een enkele veldslag. Er komen vele veldslagen aan te pas.
De apostel Judas zegt tot alle Christenen: “…dat gij strijdt voor het geloof dat eenmaal de heiligen overgeleverd is” (Jud. 3). Het volgende vers waarschuwt voor “sommige mensen” die “ingeslopen zijn” in de vroege Nieuw Testamentische Kerk om ze te verwateren met valse leer. En dit ter verwoesting van het fundament van de Kerk; dit fundament is het vasthouden aan de ware doctrines van de Bijbel. De betekenis van echt geloof werd toen ook al verbasterd bij vele mensen. Spijtig genoeg toont de geschiedenis dat mensen altijd bereid waren misleiders te volgen die de christelijkheid reduceerden tot tikkeltje meer dan “simpelweg geloven”. Trap daar niet in.
We bespraken hoe Christenen God’s Wet moeten houden, terwijl zij tegelijk gerechtvaardigd worden door het geloof VAN Christus. Het Boek Openbaring vermeldt: “Hier is de lijdzaamheid [geduld] der heiligen; hier zijn zij die DE GEBODEN VAN GOD BEWAREN, en het GELOOF van Jezus” (14:12).
Er is een reden waarom dit vers geduld, het bewaren van de geboden en het geloof van Christus samenbrengt. Ze zijn onafscheidelijk. Christenen zijn in staat de geboden te houden, maar dit enkel door het geloof van Jezus. Het vraagt geduld om dit een leven lang te doen. Toch is het juist dàt wat ware Christenen – heiligen – moeten blijven doen.
“Leven door geloof”
Er is een Oud Testamentisch vers dat zo belangrijk is, dat het tweemaal wordt herhaald in het Nieuw Testament. Habakuk 2:4 zegt: De rechtvaardige zal door zijn geloof leven”. Dit is een sterke uitspraak over geloof als een LEVENSWIJZE! Het is het geloof van ieder persoon (let op het enkelvoudwoord “zijn”) dat de individuele mensen gidst in hun leven. Dit vers wordt geciteerd om aan te tonen dat God altijd onderrichtte dat Zijn ware dienstknechten echt geloof moeten hebben. Geloof was nooit een loutere Nieuw Testamentische vereiste voor behoud. Sommige van de beste voorbeelden qua geloof worden aangetroffen doorheen het Oud Testament. Eigenlijk is elk voorbeeld beschreven in het “geloofshoofdstuk” (Hebr. 11) afkomstig uit de tijd van het Oud Testament. Dat weerhield hen niet van “getuigen” te zijn (12:1) van de ontzaglijke kracht van juist begrepen geloof.
Hebreeën 10:38 (en ook Rom. 1:17) herhaalt Habakuk bijna woordelijk: “De rechtvaardige zal uit het geloof leven”. Noteer de definitie van geloof die onmiddellijk op de hielen van dit vers wordt gevolgd, in Hebreeën 11:1. Nogmaals, God zou niet van mensen kunnen verwachten dat zij leven door geloof en hen dan niet zeggen wat het is! En dan gaat God verder in vers 38: “en zo iemand zich onttrekt, Mijn ziel heeft in hem geen behagen”.
Ontbrekend geloof behaagt God niet!
Geloof is niet louter iets dat u alleen beoefent tijdens crisismomenten in het leven. Het is niet gewoon iets waar u aan denkt als “het niet goed gaat”. Met andere woorden, geloof is niet gewoon maar voor “slechte tijden” – het is voltijds! Snap dit vitale punt! Geloof is volstrekt onafscheidelijk van het hele geestelijke begrijpen waarmee u alle kwesties benadert, die u het hoofd te bieden hebt in de christelijke “wandel” (2 Kor. 5:7).
Alle mensen op aarde zullen erg getest worden in de jaren die vlak voor hen liggen. Vergis u niet! Zonder echt geloof zal niemand de verschrikkelijke rampen overleven, die volgens de profetieën binnenkort vlak voor Christus’ Terugkeer plaatsvinden. Voortgaan op menselijke kracht en vindingrijkheid zal niet volstaan om de geweldige crisis te overleven die eraan komt bij het afsluiten van dit tijdperk! Compleet geloof/vertrouwen [faith] in al God’s beloften zal vereist zijn – en noodzakelijk.
Een persoonlijk voorbeeld
Het zal niet gemakkelijk zijn God’s waarheid te volgen en in praktijk te brengen, en Zijn beloften te geloven. Vijfendertig jaren hebben mij deze les geleerd – grondig! God zal uw geloof testen – en de duivel zal u verlokken dit geloof op te geven. Twijfel daar niet aan. Ik heb ook geleerd dat God altijd zal bevrijden, hoe donker de omstandigheden ook schijnen.
Ik groeide op in een gezin dat er warmpjes inzat. Toen God me riep op 17-jarige leeftijd, begonnen de echte beproevingen. Op de leeftijd van 23 jaar was ik getrouwd en had een zoontje van nog geen vier maanden. Mijn vrouw was bijna gestorven in het kinderbed, en was daardoor haar melk kwijt. Zij kon ons zoontje niet voeden. Tijdens die korte periode had ik geen voltijds werk in de ministry. Ik was mijn wedde kwijt. Ik was werkloos en we worstelden nog met een aanzienlijke schuld uit mijn collegejaren. We woonden toen in Milwaukee, Wisconsin. Zelfs de verwarming in onze auto functioneerde niet meer en het was eind november. Plaatsgebrek maakt het me niet mogelijk alle beproevingen van gewoon die ene periode te beschrijven. Ons geloof werd zwaar op de proef gesteld!
Nooit zal ik dat ene bijzondere moment vergeten dat mijn vrouw en ik samen deelden. We zaten, nogal letterlijk, aan onze laatste centen. Er was praktisch geen benzine meer in de auto en geen voedsel in huis. Onze baby weende, en wij hadden niets om hem te voeden. Ik had nog slechts één ‘dime’ [1/10e dollar] op zak, die ik dan op de keukentafel legde. Mijn vrouw en ik waren vastbesloten te vertrouwen op God; dat Hij voor ons zou zorgen.
Hij deed het!
Die avond (ik herinner me nog dat het op een donderdagavond was) kon mijn vrouw twee blokfluitlessen geven en kreeg in totaal zeven dollar uitbetaald. Meteen kocht zij melk voor de baby. De volgende morgen (vrijdag) kreeg ik werk, en mijn baas stelde me voor een voorschot op het salaris te betalen op de eerste dag dat ik aankwam. God had onze gebeden beantwoord en ons een geloofsopbouwende ervaring nagelaten die we nooit meer vergaten. Wij hebben daar vaak aan teruggedacht als de tijden lastig waren. We halen nog altijd kracht uit God’s interventie wanneer we die nodig hebben – en talrijke andere soortgelijke interventies in ons leven!
Niet elke dag in ons leven was “zonnig”. Ik stond voor heel wat hindernissen in mijn bijna 35-jarig dienaarschap. Juist dit Werk is een werk van geloof. God laat nooit na te voorzien in wat wij nodig hebben. De belemmeringen van beschuldigers, vuilspuiters, leugenaars en openlijke vijanden waren voor ons soms dagelijkse kost. God heeft ons nooit in de steek gelaten.
Uiteindelijk heeft Hij de boze mensen die Zijn doel wilden dwarsbomen altijd verslagen. Hij heeft mijn vrouw en mij altijd beschermd en bevrijd, door “dik en dun”. Ik ben vertrouwvol verzekerd – ik heb GELOOF – dat Hij dit zal blijven doen. U kunt ook vertrouwvolle verzekerdheid opbouwen – het geloof dat God u altijd zal bevrijden.
Het is typisch dat mensen geloof zien als iets wat zij opwerken of uiten naar God toe zodat Hij iets voor hen zal doen. Eigenlijk gebeurt in de realiteit vaak exact het tegenovergestelde! Vele malen is geloof iets wat God geeft aan iemand zodat hij de kracht zal hebben om iets te doen voor God – gewoonlijk om Zijn globaal doel te voltrekken. Ik heb dat telkens opnieuw zien gebeuren in mijn leven.
Als u het vraagt aan God, zal Hij voor u hetzelfde doen. Soms moet u de vrucht van geloof beoefenen, en soms kan het nodig zijn dat u de gave van geloof vraagt, om het hoofd te bieden aan de ergste beproevingen of de moeilijkste beslissingen in uw leven.
De Bijbel somt negen afzonderlijke vruchten van de Geest op (Gal. 5:22-23) en negen verschillende gaven van de Geest (1 Kor. 12:1, 7-10). Geloof is de enige kwaliteit van geestelijk karakter die in beide lijsten wordt vermeld. Geloof is zowel een vrucht als een gave van de Geest. God kiest er vaak voor een extra hoeveelheid van geloof toe te kennen aan bepaalde mensen – als een geschenk – omdat het in bepaalde opzichten nodig is voor de voltrekking van Zijn doel.
Herinner u dat zelfs de Geest van God ons wordt gegeven (Hand. 2:38). De opportuniteit om te leren werken met de vrucht van geloof begint ook met een gave – de Heilige Geest met inherent geloof. God zal u exact hetzelfde geloof geven dat ooit in Jezus Christus was.
“Waar is uw geloof?”
De boeken van Matheüs en Lukas vermelden een belangrijk parallelverslag over geloof. Christus en Zijn discipelen waren in een boot toen een geweldige storm losbarstte. De discipelen werden verschrikkelijk bang, terwijl Christus “sliep”. Dit verslag weerspiegelt het enorme verschil tussen het geloof dat Christus had en de ANGST die het denken van de meeste mensen domineert. Noteer dat in het verslag staat dat zij Hem wakker maakten “zeggende: Here, behoed ons, wij vergaan!” (Math. 8:25). De discipelen dachten in feite dat zij gingen sterven. Zij misten zelfs het elementaire menselijke vertrouwen dat dit, met Christus in de boot, niet zou gebeuren.
Christus’ antwoord is leerzaam voor al wie vandaag leeft. Hij stelde twee afzonderlijke vragen – een in elk verslag. Laten we die aan elkaar koppelen. In Matheüs vroeg Christus de discipelen: “Wat zijt gij vreesachtig, gij kleingelovigen? (vers 26). Kijken we nu naar Lukas’ verslag. Hier drukt Christus Zich wat straffer uit toen Hij vroeg: “Waar is uw geloof?” (8:25). Uiteraard waren de discipelen toen nog niet bekeerd. Zij misten de Heilige Geest, en waren daarom nog niet in staat echt goddelijk geloof te ontwikkelen. Toch hadden zij toen blijkbaar zelfs geen tijdelijk menselijk geloof. Nochtans blijven Christus’ cruciale vragen gelden voor ALLE MENSEN – Wat zijt gij vreesachtig [Waarom bent u bang]? en Waar is uw geloof?
Juist zoals diezelfde discipelen in hun eigen leven sterk geloof moesten leren en in praktijk brengen (hun geschriften getuigen dat zij de betekenis ervan ook leerden aan vele anderen), zo moeten God’s ware dienstknechten vandaag deze vragen in hun eigen leven beantwoorden. Dit boekje vraagt u nu: WAAROM BENT U BANG? En WAAR IS UW GELOOF?
We begonnen met Hebreeën 11:6 waarin staat: “Zonder geloof is het onmogelijk God te behagen”. God wil dat u leert op Hem te rekenen – Hem volledig te vertrouwen IN ALLES! U hebt niet echt een keuze als u Hem wil behagen. Zoals elke menselijke vader, wil God niet dat u zich opvreet, zorgen maakt en doodsangsten uitstaat over uw noden. Op tal van plaatsen in Zijn Woord belooft Hij voor u te zorgen in alle omstandigheden. Hij zal altijd voor u zorgen. Twijfel daar niet aan! Geloof God! Vertrouw Hem! Wacht op Hem! Verwacht van Hem dat Hij al Zijn beloften houdt – en Hij zal het doen! Geloof is uw bewijs!
Ontspannen geloof
In zijn boekje What Is Belief? verklaart Herbert W. Armstrong de ontspannen, zelfs serene houding van volop te vertrouwen op God om gelijk wat uit te werken, inclusief behoud:
“En herinneren we ons dat GELOOF de GAVE VAN GOD is.
“Zovelen denken dat al het andere dat van God komt Zijn geschenk is, maar dat het GELOOF dat vereist is om deze zaken te ontvangen iets is waar we onszelf naartoe moeten opwerken, ons moeten voor inspannen of naar streven. Maar wij moeten ons gewoon ontspannen en GOD VERTROUWEN, zelfs voor het GELOOF waardoor wij al het andere ontvangen! (Ef. 2:8).
“In Openbaring 14:12 staat een beschrijving van de echte Kerk VANDAAG. Zij in de Kerk hebben het GELOOF VAN JEZUS. Noteer: het GELOOF VAN JEZUS! Het is niet ons geloof in HEM, maar Zijn geloof – uitgerekend het geloof waarmee Hij Zijn mirakels verrichtte – in ons geplaatst en in ons werkzaam.
“Hoe kunt u dit geloof bekomen? Nader dichter tot God. Leer God kennen. Geef u helemaal over aan HEM, en doe Zijn wil. En BID dan. U leert Hem kennen in gebed. Wij zijn al te dicht bij de materiële zaken. Door GEBED, véél meer gebed, kunt u dichter naderden tot GOD en tot geestelijke zaken. En wat een gelukkige, blije ervaring is dat, eens u het echt gedaan hebt!”
